Volgens ds. Bram Hofland horen kinderen eerder aan avondmaalstafel
In een podcastuitzending van Cvandaag over de doop pleit predikant Bram Hofland voor een fundamentele herbezinning op hoe kerken omgaan met geloofsbelijdenis en deelname aan het heilig avondmaal. Volgens hem is de huidige praktijk, waarin jongeren pas rond hun achttiende belijdenis doen, historisch afwijkend. Bovendien vindt hij deze ontwikkeling theologisch onnodig beperkend.
Hofland wijst erop dat in de tijd van Luther en Calvijn kinderen al tussen hun achtste en twaalfde jaar toegelaten werden tot het avondmaal. “In de Nadere Reformatie is dat verschoven naar achttien, negentien, twintig jaar”, zegt hij. “Maar ik zou er een groot voorstander van zijn om weer terug te keren naar die vroegere lijn. Daarmee houd je ook de discussie over kinderen aan de tafel eerlijk en open.”
Volgens de predikant is er geen principiële reden om kinderen die Jezus willen volgen buiten het avondmaal te houden. “Als er kinderen zijn die van harte Jezus Christus willen volgen en zelf een keuze maken, waarom zouden ze dan niet welkom zijn? Het past helemaal in de Joodse traditie: bij een bar mitswa bevestigt een kind dat het geloof van de ouders ook zijn of haar eigen geloof is. Vanaf dat moment ben je volwaardig deelnemer van het geloofsleven.”
Die historische lijn is volgens Hofland niet alleen mooi, maar ook praktisch. Jongeren begrijpen vaak meer dan kerken denken, zegt hij. “Er zitten dertien-, veertien-, vijftienjarigen in mijn catechesegroepen aan wie ik zó de belijdenisvraag zou durven stellen. Ze geloven oprecht en kunnen prima verantwoording nemen voor dat geloof.”
Hofland grijpt daarbij terug op de verbondstheologie. Calvijn onderscheidde “tweeërlei kinderen van het verbond”: wie ernaar leeft en wie dat (nog) niet doet. De vraag is volgens Hofland vooral: wanneer kan een kind het verbond zelf beantwoorden? “Onze reformatoren waren daar heel vroeg mee. En ik zou niet weten waarom wij die lijn niet zouden volgen.”
De predikant pleit er daarom voor kinderen niet alleen eerder tot het avondmaal toe te laten, maar ze ook actief te betrekken in de liturgie, zoals dat in de Joodse Pesachmaaltijd altijd gebeurde. “Kinderen zaten misschien niet als volwaardige maaltijddeelnemers aan tafel, maar ze waren wel belangrijke vragenstellers. Ze hoorden er helemaal bij.”
Beluister het volledige podcastgesprek:





































Praatmee