Jan Pool over leven en sterven: "Ik ben voorbereid als genezing niet komt"
Zijn ziekte heeft Jan Pool geleerd om meer te relativeren. Hij leeft alsof hij nog een hele toekomst voor zich heeft, maar weet ook dat die zekerheid er niet is, zo maakt de spreker duidelijk in de Cvandaag podcast. "Ik ben voorbereid als genezing niet komt", vertelt Pool.
Die realiteit heeft hem ertoe gebracht zich ook voor te bereiden op het scenario waarin genezing uitblijft. Die voorbereiding is voor Pool echter niet somber of angstig. Integendeel. “In die zin heb ik een machtig mooie toekomstverwachting”, zegt hij. Mocht hij overlijden, dan ziet hij dat niet als het einde, maar als een overgang. Op de vraag hoe hij zich de hemel voorstelt, heeft hij één beeld dat alles samenvat: “Ik kom in een oceaan van liefde terecht.” Voor Pool is dat geen vage troost, maar een diep doorleefde overtuiging.
Tegelijk erkent hij het spanningsveld dat zijn ziekte met zich meebrengt. Het grootste verdriet zit voor hem niet in het loslaten van het leven zelf, maar in het mogelijke afscheid van zijn vrouw, kinderen, kleinkinderen en vrienden. Pool beschrijft zichzelf als iemand die zich sterk verantwoordelijk voelt voor anderen. Juist dat moest hij leren loslaten in wat hij een ‘woestijnperiode’ noemt.
“Dit leven is op de eeuwigheid maar een fractie”, zegt Pool. Die gedachte helpt hem om zijn leven nu te leven zonder kramp, maar met open handen. Als God hem geneest en hij op aarde blijft, ligt er hier nog een mooie weg voor hem. En als zijn leven eerder eindigt, wacht hem bij God een even mooie toekomst. “Hoe dan ook”, zegt hij, “ik heb een geweldige toekomst voor me.”
Beluister het volledige podcastgesprek met Jan Pool en Martin Koornstra:



































Praatmee