Christenen hebben een geheim wapen: onderschat de kracht daarvan niet
Er staat in de Bijbel een prachtgeschiedenis die iets duidelijk maakt over wat bidden kan bewerken. God kan daadwerkelijk gebeden verhoren, terwijl Zijn gemeente zĆ³ bezig is voor een situatie te bidden, maar soms lijkt te geloven dat bidden niet helpt. Ik doel op de passage in Handelingen 12:1-19 die ermee begint dat Jakobus wordt onthoofd door Herodes en dat Petrus in de gevangenis belandt.
Een mooie samenvatting van waar het hier om gaat vinden we in vers 5: āTerwijl Petrus onder zware bewaking zat opgesloten, bleef de gemeente vol vuur voor hem biddenā (NBV 2021)
In de kerker van de burcht Antonia zit Petrus gevangen. De gemeente heeft er geen weet van hoe zwaar hij bewaakt wordt. Hij staat onder toezicht van vier viertallen soldaten, die bij toerbeurt de wacht houden. Normaal is het zo dat een gevangene met Ć©Ć©n keten aan een soldaat vastgeketend werd, terwijl een andere soldaat voor de celdeur stond. Voor de cel van Petrus staan twee soldaten en hij zit met twee ketens vast aan twee soldaten. Het is duidelijk dat deze gevangene niet mag ontsnappen van Herodes. Waarom is Herodes daar dan zo bang voor? Wel, we lezen in Handelingen 5 vanaf vers 17 over een eerdere wonderbaarlijke ontsnapping van de apostelen uit de gevangenis waar de SadduceeĆ«n hen hadden opgesloten. Het was voor de Joodse autoriteiten nooit opgehelderd hoe dat had kunnen gebeuren. Misschien dat Herodes daarvan gehoord had en op voorhand zijn maatregelen had getroffen. Je kon tenslotte maar niet weten met die vreemde sekte van de volgelingen van Jezus van Nazarethā¦
Wapens van de machtelozen
Wat doet de gemeente? Zit ze bij de pakken neer? Is er sprake van opperste radeloosheid nu ze hun leider Petrus kwijt zijn? Daar is immers alle aanleiding toe. Of smeedt de gemeente plannen om Petrus gewapenderhand te bevrijden? Nee, de gemeente bidt. Zij grijpt naar het wapen van de machtelozen. De gemeente gaat op de knieƫn. We weten niet wat het gebedsverlangen van de gemeente is geweest. Hebben de broeders en zusters gebeden om een herhaling van die eerdere bevrijding die in Handelingen 5 beschreven wordt? Ze waren vast nog niet vergeten hoe een engel van de Heer de apostelen uit de gevangenis heeft geleid. Het zou kunnen. Maar het is ook mogelijk dat de gemeente om standvastigheid voor Petrus heeft gebeden. Dat zijn vertrouwen op God niet zou bezwijken en Hij de Heer opnieuw zou verloochenen zoals toen hij zich warmde bij het vuur in de hof van de hogepriester. Misschien dat ze daar bang voor waren, want als het vuur je aan de schenen wordt gelegd, kun je makkelijk onderuitgaan.
Hoe dan ook, de gemeente bidt. In meerdere huizen wordt door velen voor Petrus gebeden. Overal in Jeruzalem waren er bidstonden, waar men āvol vuur voor Petrus tot God bleef biddenā, zoals we dat lezen. Het is opvallend dat hier in het Grieks hetzelfde woord wordt gebruikt als voor de gebedsstrijd van de Heere Jezus in de hof van GethsĆ©manĆ©, toen de Heer voor Zijn lijden en sterven stond. In de vele huizen waarin de gemeente van Jeruzalem samenkwam, werd intens en bewogen voorbede gedaan voor Petrus. Vurig en vol overgave!
Zee van hemels licht
De laatste nacht van Petrusā leven is gekomen. Herodes is van plan hem de volgende dag te laten voorkomen. Het vonnis staat al vast: hij zal veroordeeld en terechtgesteld worden. En dan wordt Petrus midden in de nacht gewekt door een engel van de Heer. Die geeft hem een flinke por, zodat Petrus wakker wordt en baadt in een zee van hemels licht. Meteen vielen de ketens van zijn handen. De engel is heel praktisch en zegt Petrus concreet wat hij allemaal moet doen. Petrus weet niet hoe hij het heeft. Hij volgt de engel in een roes naar buiten. Hij weet niet of hij droomt of dat het echt is. Lukas zegt dat Petrus eigenlijk denkt dat het een visioen was. De engel gaat nog Ć©Ć©n straat met hem mee en dan is hij opeens verdwenen. Petrus knijpt zich eens in de armen. Is dit de wereld van de feiten of de wereld van de verbeelding? Ja, het is echt waar, hij is een vrij mens, ontsnapt aan de klauwen van Herodes.
Maar wat moet hij nu doen? Dat mag hij zelf bedenken. Er komt geen instructie van boven. Er zijn niet altijd engelen die ons bij de hand nemen, we moeten ook te rade gaan bij ons eigen verstand en onze eigen overwegingen volgen. Petrus neemt een ogenblik van bezinning en gaat naar het huis van Maria, de moeder van Johannes Markus, waarvan hij weet dat hij daar vast een deel van de Jeruzalemse gemeente zal aantreffen.
Als Petrus klopt, is daar het slavinnetje RhodĆ© die naar de deur gaat. Wie kan dat nu zijn zo midden in de nacht? Is dat wel goed volk? Ze hoort aan de andere kant van de deur de stem van Petrus, maar in plaats van dat ze opendoet, holt ze naar binnen om het de anderen te melden dat Petrus voor de deur staat, wat niemand wil geloven. En Petrus maar kloppen en de discipelen maar redeneren: het kĆ”n hem niet zijn, het is vast zijn engel. Maar RhodĆ© houdt vol: āHet is Petrus, geloof me nu alsjeblieft!ā De discussies gaan maar door en het duurt tijden voordat men de deur opendoet.
Geeft ons te denken
Wonderlijk is dat toch eigenlijk. De gemeente bidt, maar gelooft nauwelijks in de verhoring van haar eigen gebed. Daar komt het toch op neer. Het wil er bij hen gewoon niet in dat hun bidden verhoord is. Maar God heeft boven bidden en boven denken verhoord. Hij heeft veel meer gegeven dan ze durfden te verwachten. Maar dat mogen we ervoor onszelf ook uit leren: dat we de kracht van het gebed niet onderschatten en dat we God vrijmoedig mogen vragen om de wensen van ons hart. Soms is het gemakkelijker een gevangenis uit te komen dan een bidstond van de gemeente inā¦ De deuren van de gevangenis gingen vanzelf open, maar de deuren van de gemeente met grote moeite. Dat moet ons te denken geven.
Ter verontschuldiging van de gemeente-in-gebed moet misschien gezegd worden dat er nog een gebeurtenis is geweest, die de gemeente heeft terneergedrukt en lamgeslagen. Misschien was er daardoor wel een sfeer van: je moet toch altijd realistisch blijven! Het verhaal over de bevrijding van Petrus uit de gevangenis wordt namelijk voorafgegaan door de mededeling dat Herodes enkele leden van de gemeente gevangen heeft genomen en dat hij Ć©Ć©n van hen, Jakobus, de broer van Johannes, liet onthoofden.
Het is misschien wrang en voor ons moeilijk te begrijpen. Waarom was er geen engel des Heren om de dood van Jakobus tegen te houden? Waarom werd Jakobus omgebracht en kon Petrus ongedeerd de gevangenis verlaten? Houdt God er dan lievelingetjes op na? Als Petrus zo bevrijd kon worden, waarom Jakobus niet? Waarom is er toch zoān lelijke dissonant in die prachtige geschiedenis van de bevrijding van Petrus? Nogmaals, het is moeilijk te begrijpen.
God is soeverein
Tegelijkertijd is God vrijmachtig en soeverein. We kunnen Hem niet naar onze hand zetten. Hij laat Zich niet voegen naar onze voorkeuren, wensen en behoeften en is niet de hemelse butler die ons op onze wenken bedient. Dat zouden mensen, die een gemakkelijk welvaartsevangelie willen aanhangen, zich wat meer moeten realiseren.
WƔƔrom laat God Zijn macht niet zien? We kunnen zo worstelen met de vraag waarom God naar ons besef toch zo Zijn eigen glazen ingooit door niet in te grijpen waar Zijn kinderen in het geding zijn en zelfs soms tegenslag op tegenslag ervaren.
Een flink aantal jaren geleden heb ik gelezen van een wonderbaarlijke genezing van een vrouw uit Bleskensgraaf. Na jaren van ziekte en bedlegerigheid werd zij in een gebedssamenkomst genezen. Prijs de Heer! Prachtig dat dit gebeurt, maar ik kan nogmaals heel veel situaties noemen waarvan ik denk: gebeurde hier ook maar zoiets als die genezing van toen. We zijn nu zoveel jaren verder en deze vrouw mag nog steeds blij zijn met haar genezing.
Ik geloof zeker dat God kĆ”n genezen. En je mĆ”g zingen en bidden āLaat uw kracht zien, almachtig God.ā God staat een wereld voor ogen waar zonde en ongerechtigheid zullen zijn uitgebannen. Een wereld zonder tranen en dood. Maar die wereld is er nog niet. Paulus zegt dat āde schepping aan de vruchteloosheid is onderworpen en zucht in al haar delenā. We leven nog in een gebroken wereld en daar komt ziekte en dood in voor. Daarin wordt Gods wil nog niet ten volle zichtbaar en breekt Gods macht nog niet ten volle door. Zelf ben ik ook eens vanwege mijn gehoorhandicap naar een genezingsdienst geweest. Maar daar kwam ik met een complete ontnuchtering van thuis. Er was te veel psychologie in die dienst en te weinig theologie - om zo te zeggen. In de opbouw van die dienst waren te veel psychologische mechanismen die ik herkende en waar ik mij niet bij thuis voelde. Ik voelde mijn vrijmoedigheid helemaal wegvloeien. Er was naar mijn gevoel te veel manipulatie, waardoor ik innerlijk helemaal afhaakte. Ik ging ontmoedigd en teleurgesteld naar huis.
Het enige antwoord?
De werkelijkheid van deze wereld is ā en dat wordt ons ook getekend in HebreeĆ«n 11 over de geloofshelden ā dat hier op aarde ook nog sprake is van martelaarschap en lijden vanwege de gebrokenheid door de zonde. In HebreeĆ«n 11 wordt gesproken over gelĆ³vigen, die worden gefolterd, zijn gestenigd, doormidden gezaagd en met het zwaard gedood.
Als Paulus dan volgens 2 Korinthe 12:7-10 gepijnigd wordt door iets wat hij omschrijft als āde satan die hem met vuisten slaatā, dan is het gebed zijn wapen in de strijd. Wij weten niet wat het is geweest. Het heeft hem gehinderd in zijn bediening. Maar God maakt hem duidelijk dat hij van die doorn in zijn vlees niet zal worden bevrijd. Drie keer heeft hij er intens om gesmeekt, maar de Heere God heeft hem er iets anders voor in de plaats gegeven: āMijn genade is u genoeg.ā Daar moet hij het mee doen.
Soms is dat het enige antwoord dat ons ook gegeven wordt. NƩƩ, dat was niet wat wij zochten, wij wilden eigenlijk mƩƩr, maar de Heer laat het dan bij Zijn genade. Die is er dan ook in overvloedige mate en dan mogen wij, net als Paulus, roemen in onze zwakheid, onze verdrukkingen, onze vervolgingen en benauwdheden. Paulus spreekt er dan over dat de kracht van Christus in hem kwam wonen. Ik wens ieder en ook mijzelf die kracht toe. De kracht van Christus wordt dan zichtbaar in onze zwakheid.
Dominee Yme Horjus is emeritus-predikant en oud-rector van het Baptisten Seminarium, Bovenstaand artikel verscheen eerder in Het Zoeklicht en is met toestemming overgenomen door Cvandaag.
Praatmee