Britse onderzoeker: ‘Negen op de tien Britse jongvolwassenen willen later trouwen’

Bijna negen op de tien Britsen jongvolwassenen zouden later willen trouwen. Dat stelt de Britse onderzoeker Harry Benson. Volgens hem blijft het huwelijk populair onder jongeren, ondanks dat het aantal huwelijken daalt. Dat schrijft Christian Today.
Benson is onderzoeksdirecteur bij de Marriage Foundation. In zijn nieuwe boek Reliable Love: The Psychology of Marriage and Commitment schrijft hij over huwelijk, samenwonen en trouw binnen relaties.
Volgens cijfers die Benson aanhaalt, ziet 93 procent van de Britse jonge mannen het huwelijk als een sterk teken van trouw. Onder jonge Britse vrouwen is dat zelfs 96 procent. Bijna negentig procent van de jongvolwassenen zegt later te willen trouwen.
Volgens Benson zoeken veel jongeren naar wat hij ‘betrouwbare liefde’ noemt. Daarmee bedoelt hij een relatie waarin beide partners duidelijk voor elkaar kiezen en uitspreken dat ze samen een toekomst willen opbouwen.
Huwelijk en stabiele relaties
Benson onderzocht ook waarom huwelijken gemiddeld stabieler zijn dan relaties van stellen die ongehuwd samenwonen. Voor zijn onderzoek keek hij naar meer dan 3.200 stellen die voor het eerst ouders werden. Zij werden veertien jaar gevolgd.
Van de stellen die trouwden, ging volgens zijn onderzoek 26 procent uit elkaar. Onder stellen die ongehuwd bleven was dat 46 procent. Verschillen in inkomen, opleiding en leeftijd verklaren volgens Benson niet het hele verschil. Hij stelt dat het huwelijk zelf ook een belangrijke rol kan spelen.
Ook onder gezinnen met weinig geld zag hij dit verband. Getrouwde stellen uit de armste groep bleven volgens het onderzoek vaker bij elkaar dan ongehuwde stellen uit de rijkste groep.
Tot de dood ons scheidt
Volgens Benson heeft trouwen een duidelijke invloed op de manier waarop mensen naar hun relatie kijken. Bij een huwelijk nemen twee mensen bewust een besluit. Ze spreken tegenover elkaar uit dat ze elkaar trouw willen zijn tot de dood hun scheidt. Vaak doen ze dat in aanwezigheid van familie en vrienden. Christelijke stellen die trouwen doen dat bovendien in de aanwezigheid van God en de kerkelijke gemeente. Daarmee krijgt het huwelijk nog veel meer gewicht.
Bij ongehuwd samenwonen kan die mate van toewijding ontbreken of minder aanwezig zijn. Een relatie kan zich stap voor stap ontwikkelen zonder dat beide partners duidelijk bespreken of zij voor altijd bij elkaar willen blijven.
Minder huwelijken
Het aantal huwelijken in Groot-Brittannië is de afgelopen tientallen jaren sterk gedaald. Toch betekent dit volgens Benson niet dat echtscheiding de belangrijkste oorzaak is van het uiteenvallen van gezinnen.
Het aantal echtscheidingen is volgens eerder onderzoek van de Marriage Foundation juist gedaald. Benson wijst daarom vooral op ongehuwde stellen die uit elkaar gaan. Volgens hem verdient die ontwikkeling meer aandacht in het debat over stabiele gezinnen.
Mannen stellen huwelijk vaker uit
In zijn boek bespreekt Benson ook verschillen tussen mannen en vrouwen. Mannen zouden het huwelijk in hun twintiger jaren vaker uitstellen. In hun dertiger jaren neemt hun belangstelling voor trouwen juist toe. Van de mannen in de dertig vindt volgens de onderzoeker 79 procent het huwelijk belangrijk. Bij vrouwen in dezelfde leeftijdsgroep is dat 73 procent.
Benson ziet daarin een opvallende tegenstelling. Ongehuwd samenwonen is inmiddels breed geaccepteerd. Toch blijft het huwelijk voor veel jongvolwassenen een bijzondere betekenis houden.
Voor christenen is dat een herkenbaar uitgangspunt. Binnen het christelijk geloof wordt het huwelijk gezien als een verbond waarin liefde en trouw centraal staan. Het onderzoek van Benson is geen theologisch onderzoek. Het laat wel zien dat het verlangen naar een vaste en trouwe relatie onder jongvolwassenen nog altijd sterk aanwezig is.











































Praatmee