Iran straft en vermoordt ook hulpverleners; oplopend aantal christenen komt om het leven

Tijdens de aanhoudende protesten in Iran is een pijnlijk patroon zichtbaar geworden. De mensen die zich inzetten om het leven en recht te beschermen, zoals artsen, verpleegkundigen, advocaten en brandweerlieden, worden gearresteerd, gevangengezet en lopen zelfs het risico op executie. De reden: het simpelweg helpen van demonstranten. Gewonden behandelen, juridische bijstand bieden of het reageren op noodsituaties worden steeds vaker gezien als een daad van verzet. In het huidige Iran is mededogen strafbaar geworden. Ook het aantal dodelijke slachtoffers onder christenen neemt toe.
Brandweerman doodgeschoten
In Rasht, in het noorden van Iran, is volgens meldingen een Iraans-Assyrische christelijke brandweerman doodgeschoten door veiligheidstroepen terwijl hij tijdens de protesten een ernstige brand in een bazaar probeerde te blussen. De 40-jarige Yohanna Mirpadyab deed wat hij had geleerd: levens redden. Toch kostte die inzet hem zijn eigen leven. Zijn dood laat zien dat ook christenen een hoge prijs betalen voor het opkomen voor rechtvaardigheid, vrijheid en het beschermen van levens.
Christenen gedood en gearresteerd
Een oplopend aantal christenen komt om het leven tijdens de protesten, van tenminste twaalf christenen is bekend dat ze zijn gedood. Tegelijkertijd neemt het aantal arrestaties toe, vooral onder religieuze minderheden. Een aantal van hen is al eerder gearresteerd geweest. Veel mensen worden zonder uitleg meegenomen, vastgehouden op onbekende locaties en krijgen geen contact met hun familie.
Bekeerlinge opnieuw opgepakt
Een van de recente gevallen is dat van Ghazal Marzban, een christelijke bekeerlinge en voormalig gewetensgevangene. Zij werd op 14 januari in haar woning in Teheran opnieuw gearresteerd door inlichtingenagenten. Haar Bijbel en christelijke boeken werden in beslag genomen, waarna zij werd meegenomen naar een onbekende locatie. Twee uur later belde ze kort haar man met de mededeling dat zij werd vastgehouden in een detentiecentrum van het ministerie van Inlichtingen. Sindsdien heeft niemand meer iets van haar gehoord.
Ghazal had eerder twee maanden vastgezeten in de Evin-gevangenis, veroordeeld wegens “propaganda tegen het regime”. Ze had leuzen geroepen tijdens eerdere protesten. Sinds haar bekering, zeven jaar geleden, wordt ze voortdurend lastiggevallen: ze mocht niet deelnemen aan haar examen voor de advocatuur, werd onder druk gezet om Iran te verlaten en staat onder constante observatie. Haar man, eveneens een bekeerling, kampt ondertussen met problemen om de medicatie te verkrijgen die hij nodig heeft om de ziekte van Parkinson te behandelen.




































Praatmee