Britse straatprediker vrijgesproken na beschuldigingen van islamofobie

De Britse straatevangelist Shaun O’Sullivan is volledig vrijgesproken. Hij werd ervan beschuldigd een islamitische familie te hebben lastiggevallen tijdens het evangeliseren in het centrum van Swindon. De familie beweerde dat hij uitspraken deed als “We houden van Joden”, “Jullie zijn Jodenhaters” en “Palestinaliefhebbers”. De melding werd door de politie geregistreerd als een 'haatspraak'.
O’Sullivan werd aangeklaagd voor opzettelijke intimidatie, maar een jury sprak hem na een proces van zes dagen unaniem vrij. Na afloop zei hij: “Eens was ik verloren, maar Christus veranderde alles. Daardoor wil ik niets liever dan de goede boodschap delen en alle mensen om mij heen lief te hebben. Ik heb nooit kwaad in de zin gehad. Deze zaak laat zien hoe belangrijk het is om de vrijheid van meningsuiting en christelijke verworvenheden te beschermen.”
Het Christian Legal Centre (CLC), dat O’Sullivan ondersteunde, reageerde scherp. Volgens de organisatie toont deze zaak aan dat de vrijheid van meningsuiting in Brittannië onder de druk staat en er vraagtekens geplaatst moeten worden bij de wijze waarop autoriteiten omgaan met zogenoemde hate speech (haatspraak, red.). Tijdens het proces stelde de verdediging dat zijn woorden onderdeel waren van een bredere publieke boodschap over geloof en politiek. Het ging volgens hen niet om een directe aanval. Ook wees de verdediging erop dat straatevangelisten bijgedragen hebben aan het ontstaan van vrijheid van meningsuiting in Groot-Brittannië.
CLC-directeur Andrea Williams stelt dat deze zaak laat zien hoe 'gevaarlijk het is als er puur op basis van perceptie wordt uitgegaan van haatspraak'. Ook zegt zij: “We moeten ervoor zorgen dat het publieke debat niet het zwijgen opgelegd wordt."
Volgens Williams beschouwde de politie de zaak slechts op basis van een enkel telefoontje als haatspraak. Ze spreekt van buitenproportioneel optreden van de politie en een afkoelend effect op vrije meningsuiting.” De vrijspraak betekent volgens haar “niet alleen rechtvaardigheid voor Shaun, maar herinnert ook aan de kwetsbare staat van fundamentele vrijheden in ons land”.
Williams benadrukt het doel van O’Sullivan: “Shaun houdt van Jezus en wil het publiek bereiken met de hoop die zijn leven heeft veranderd. Hij, en andere christelijke predikers, moeten de vrijheid hebben dat zonder angst voor vervolging te kunnen doen."

































Praatmee