De ‘blinde vlek’ in de pastorale nood van jonge christenen

Mijn vrouw Joke en ik zijn al meer dan vijftien jaar lang betrokken bij twee soorten pastoraat. De eerste soort noemen ze vaak ‘bevrijdingspastoraat’. Wij noemen het “mensen helpen om de rommel in hun levensgeschiedenis op te ruimen”. En de tweede is het huwelijkspastoraat. Over dat laatste hebben we een (nog relatief nieuw) boek geschreven: Werkplaats huwelijk. Daarnaast zijn we regelmatig betrokken geweest bij cursussen voor christenen die zelf actief wilden worden in deze vormen van pastoraat in de kerk.
En daar zit ook meteen een van de eerste dilemma’s die ik in deze nieuwe serie columns over de praktijk van het pastoraat in de kerk wil aankaarten. Ik doe dat in de vorm van een stelling. “Volgens mij bestaat meer dan de helft van de mensen die zo’n pastoraatcursus volgen uit christenen die in feite zelf pastoraat nodig hebben en zeker (nog) niet in het pastoraat actief zouden moeten zijn.”
Wil je verder lezen?
Als lid krijg je onbeperkt toegang tot cvandaag.nl
Praatmee