Merith Koedood is ongewenst kinderloos: “Ik heb het uitgeschreeuwd naar God”

Moederdag was voor Merith Koedood-de Lange jarenlang geen feestelijke dag. Wat begon met de pijn van ongewenste kinderloosheid, werd later gevolgd door een mislukte adoptie en uiteindelijk ook het afscheid van twee pleegkinderen die jarenlang deel uitmaakten van hun leven. Toch spreekt Merith niet vanuit verbittering, maar vanuit hoop. “Het is echt goed zo”, zei ze afgelopen zondag in Hour of Power. “We mogen zoveel tot zegen zijn voor anderen.”
“Heel lang heb ik het heel moeilijk gevonden”, vertelt Merith openhartig over haar worstelingen met moederdag. “Ik keek ervoor weg. Ik heb zelfs moederdagen gehad dat ik in bed bleef liggen. Ik was intens verdrietig.” Ze omschrijft het als “levend verlies”. “Verlies van iets wat je nooit gekend hebt.” Lange tijd probeerde ze haar verdriet weg te drukken. “Ik heb heel lang aan struisvogelpolitiek gedaan, gedaan alsof het niet over ons ging, maar over een ander.”
Onder die houding zat diepe pijn. “Mijn wens was te groot”, vertelt ze. “Ik was ook boos. Ik dacht: dit gaat niet over ons toch?” Die boosheid richtte zich ook op God. “Ik heb het uitgeschreeuwd.” Het toekomstbeeld dat zij en haar man voor ogen hadden, viel volledig uiteen. “Als je trouwt, heb je een bepaald beeld”, zegt ze. “In het gezin waarin ik ben opgegroeid, was het heel normaal om eigenlijk direct na je trouwen kinderen te krijgen.”
Al snel kwam het verdrietige nieuws. “Een jaar na ons trouwen wisten we al dat we medisch uitbehandeld waren.” Toch bracht dat hun huwelijk niet aan het wankelen. Op de vraag wat hen overeind hield, antwoordt Merith zonder aarzeling: “Liefde, dat is de basis.” Ze verwijst naar de trouwbelofte die zij elkaar gaven. “We hebben altijd gezegd: in voor- en in tegenspoed, tot de dood ons scheidt. Dat zeg je wel, hè? Maar daar moet je echt goed over nadenken.”
Volgens Merith is er veel verdriet geweest in hun huwelijk. “De tranen kwamen vaak thuis, zodra we de veiligheid voelden bij elkaar.” Tegelijkertijd ziet ze hoe moeilijke omstandigheden haar ook veranderd hebben. “Je gaat door bepaalde gebeurtenissen heen in je leven en dat kan je milder maken”, zegt ze. “Wat mij milder heeft gemaakt, is wel dicht bij Jezus gekomen.” Terugkijkend ziet ze hoe haar geloof juist in die moeilijke jaren dieper werd. “Achteraf gezien zeg ik: God was ons hele leven al bezig. Ook in de waarom-vragen op het moment dat wij hoorden dat we geen kinderen mochten ontvangen.”
Jarenlang bad het echtpaar om een wonder. “We lagen samen op onze knieën en baden: Heer, U bent een God van wonderen. U hoeft maar met één vinger te knipperen en het gebeurt.” Ze dacht zelfs al na over namen. “Ik heb altijd gedacht: als ik een jongetje krijg, dan noem ik hem Samuel.” Toch bleef het wonder uit. “Het gebeurde niet”, zegt ze nuchter. “En we zijn nu bijna dertien jaar getrouwd.” Gaandeweg kwam er wel rust. “Wij hebben echt rust gekregen op het moment dat we het bij God hebben neergelegd. Ook toen we echt hebben gezegd: Heer, laat ons dienstbaar zijn in Uw Koninkrijk.”
Adoptiedroom spat uiteen
Omdat het verlangen naar een kind bleef, begonnen Merith en haar man aan een adoptietraject. Ze kwamen uiteindelijk op een wachtlijst terecht voor adoptie uit Taiwan. “Een heel lang traject”, vertelt ze. “Je wordt echt aan alle kanten doorgelicht om te kijken of je wel echt in staat bent om een kindje te adopteren.” Na achttien maanden wachten kwam er eindelijk telefoon. “We werden ’s avonds om half elf gebeld. Je hart begint meteen te bonken. Je denkt: zou het echt zo zijn? Mogen we nu ouders worden?”
Het telefoontje bracht echter geen goed nieuws. “Het kindertehuis moest dicht”, vertelt Merith. “Door corona, maar ook door voorwaarden vanuit de overheid.” De klap kwam hard aan. “Dan zakt de wereld echt onder je voeten vandaan.” Toch voelde ze op dat moment geen boosheid richting God. “Ik heb wel echt gehuild, intens gehuild.”
Na het stukgelopen adoptietraject besloot het echtpaar zich te oriënteren op pleegzorg. Ook dat deed het stel bewust en biddend. “We hebben echt gebeden: Heer, mogen we dan dienstbaar zijn binnen onze landsgrenzen? Is daar de nood hoog? Laat dan ook daar onze ogen voor openen.”
Via pleegzorg kwamen uiteindelijk twee meisjes in hun leven. Merith spreekt met zichtbaar veel liefde over hen. “Echt onze trots”, zegt ze. Aanvankelijk leek het erop dat de kinderen tot hun achttiende bij hen zouden blijven wonen. “De rechter had daar uitspraak over gedaan”, vertelt ze. “Ze zouden bij ons opgroeien.”
Toch liep het opnieuw anders. De biologische moeder ging in hoger beroep en kreeg gelijk. “Ze werden van ons afgenomen”, zegt Merith. De periode waarin de kinderen vertrokken, noemt ze nog altijd intens zwaar. “Er was gezegd: neem maar voorgoed afscheid.” Op de dag dat ze de meisjes moest wegbrengen, zette ze hen op een keukentrapje en bad voor hen. “Ik heb ze gezegend met mijn handen op hun hoofd”, vertelt ze. “En gezegd: Heer, ga dan met ze mee en U laat niet los wat Uw hand is begonnen.”
Juist in die woorden klinkt ook haar visie op pleegzorg door. “Het zijn ‘leenpanden’. Ik gaf ze terug.” Tegelijkertijd benadrukt ze dat pleegouders zich moeten realiseren dat pleegkinderen nooit echt ‘van hen’ worden. “Je krijgt de zorg over een kind van een ander.” Toch is het contact niet helemaal verdwenen. De meisjes komen nog altijd om het weekend bij hen en gaan soms mee op vakantie. “Ook dat doen we biddend”, zegt Merith dankbaar.
Inmiddels zet Merith zich actief in om het onderwerp ongewenste kinderloosheid bespreekbaar te maken. Samen met haar man blogde ze jarenlang over het thema. “Er rust een enorm taboe op, maar niet alleen op kinderloosheid. Ik denk ook vaak aan alleenstaande mensen of alleenstaande vrouwen. Daar is het net zo goed moederdag voor.” Volgens haar mogen emoties er zijn. “Het huilen mag er zijn, we zijn geschapen met emoties. Als baby huil je eerst, daarna lach je.”
Waar Moederdag ooit vooral pijn opriep, beleeft Merith de dag vandaag anders. “Vol vreugde”, zegt ze. “We hebben prachtige mensen om ons heen en we voelen ons enorm gezegend.” De belangrijkste les die ze geleerd heeft? “Vertrouwen op God”, antwoordt ze. “Dat ik dat keer op keer mag blijven doen.”
Ook wil ze andere vrouwen bemoedigen die worstelen met ongewenste kinderloosheid. “Laat je gevoel er zijn. Zoek ook hulp, want het is niet gek om hulp te vragen. Zoek ook bidders, mede-bidders om jou heen en kruip niet weg, want het kan zo eenzaam voelen en zo verdrietig.”
De Bijbeltekst die haar al jaren draagt, is Filippenzen 4 vers 13: Ik vermag alle dingen door Christus die mij kracht geeft. Die woorden zijn voor haar meer geworden dan alleen een mooie tekst. “Alle dingen”, benadrukt ze. “Ja, inderdaad. Alle dingen.”
Bekijk hieronder het interview met Merith terug in Hour of Power.


































Praatmee