Päivi Räsänen roept na veroordeling op tot afschaffing ‘hate speech’-wetten
De Finse politica Päivi Räsänen heeft opgeroepen tot afschaffing van Europese ‘hate speech’-wetten, nadat zij onlangs door het Finse Hooggerechtshof werd veroordeeld. Volgens haar staat de vrijheid van meningsuiting in Europa onder druk en is er sprake van censuur.
Räsänen werd met een nipte meerderheid (3-2) schuldig bevonden aan het beledigen van een groep mensen op basis van seksuele gerichtheid. De zaak draaide om een pamflet uit 2004, waarin zij vanuit christelijk perspectief schreef over huwelijk en seksualiteit. Hoewel zij in eerdere rechtszaken werd vrijgesproken, besloot het Openbaar Ministerie de zaak opnieuw aan te vechten bij het Hooggerechtshof.
‘Vrijheid van meningsuiting niet vanzelfsprekend’
Na de uitspraak stelde Räsänen dat het onjuist is om te zeggen dat de vrijheid van meningsuiting in Europa “springlevend” is. Samen met Juhana Pohjola, die het pamflet mede publiceerde en eveneens werd veroordeeld, spreekt zij van een zorgwekkende ontwikkeling.
“De bisschop en ik zijn ‘criminelen’ geworden omdat we vreedzaam onze overtuigingen hebben gedeeld in het publieke domein”, aldus Räsänen. Ze wijst erop dat het pamflet werd geschreven voordat de betreffende wetgeving van kracht was en dat de rechter erkende dat er geen sprake was van aanzetten tot haat of geweld.
Toch werd geoordeeld dat de inhoud in deze context strafbaar was. Daarnaast bepaalde het hof dat het pamflet uit de openbaarheid moet worden verwijderd.
Kritiek op ‘vage wetgeving’
Volgens Räsänen zijn de grenzen van ‘hate speech’-wetgeving te onduidelijk, waardoor mensen niet meer weten wat ze wel en niet mogen zeggen. Dat zou leiden tot zelfcensuur en angst om zich uit te spreken.
Ze waarschuwt bovendien dat ook andere mensen in de toekomst vervolgd kunnen worden voor uitspraken uit het verleden. “Dit brengt Europa terug naar een donkere periode in de geschiedenis”, stelt ze tegenover Christian Today.
Achtergrond: jarenlange juridische strijd
De zaak tegen Räsänen begon in 2019 en omvatte meerdere uitingen, waaronder een socialmediabericht en een radio-interview. Opvallend is dat zij voor het citeren van een Bijbeltekst in 2019 unaniem werd vrijgesproken. Het Hooggerechtshof maakte daarmee een duidelijk onderscheid tussen het citeren van de Bijbel en de bredere toepassing daarvan in een pamflet.
Räsänen heeft aangegeven te overwegen om in beroep te gaan bij het Europees Hof voor de Rechten van de Mens.
































Praatmee