Twintig Afrikaanse landen nemen in handvest afstand van abortus als internationaal recht

Twintig Afrikaanse landen hebben een handvest opgesteld over huwelijk, gezin en abortus. In het document verzetten de landen zich tegen het erkennen van abortus als internationaal recht. Ook wordt het huwelijk duidelijk omschreven als een verbintenis tussen man en vrouw. Dat schrijft Christian Today.
De landen willen meer ruimte om zelf wetten en beleid te bepalen. Volgens de initiatiefnemers oefenen westerse landen en internationale organisaties te veel invloed uit op Afrikaanse landen. Dat zou onder meer gebeuren via ontwikkelingshulp, diplomatie en internationale verdragen.
Huwelijk en bescherming van leven
Het handvest omschrijft het huwelijk als 'de verbintenis tussen een man en een vrouw'. Ook gaat het document uit van mensen als mannelijk of vrouwelijk.
Volgens de Britse prolife-organisatie Society for the Protection of Unborn Children (SPUC) wijst het handvest een internationaal recht op abortus af. Daarmee verzetten de deelnemende landen zich tegen de opvatting dat abortus onderdeel moet zijn van internationale afspraken over seksuele en reproductieve gezondheid.
Het document roept regeringen daarnaast op om wetten te bekijken die volgens de opstellers schadelijk zijn voor het gezin. Ook keert het zich tegen het legaliseren van prostitutie en tegen beleid dat genderidentiteit bevordert.
SPUC-directeur John Deighan reageerde positief op het handvest. Volgens hem proberen westerse landen hun liberale ideeën over abortus, seksualiteit en anticonceptie te veel aan ontwikkelingslanden op te leggen.
Deighan verwacht dat Afrikaanse landen mogelijk financiële gevolgen ondervinden van hun opstelling. Toch vindt hij dat westerse landen juist iets kunnen leren van de nadruk die het handvest legt op 'leven, gezin en soevereiniteit'.
Ook aandacht voor economie
Het handvest gaat niet alleen op ethische onderwerpen in. Er staan ook voorstellen in over landbouw, handel en natuurlijke hulpbronnen. Zo worden landen opgeroepen om lokale zaden en landbouwsystemen te beschermen. Ook zouden Afrikaanse regeringen meer zeggenschap moeten krijgen over hun natuurlijke rijkdommen. De landen willen bovendien minder afhankelijk worden van de uitvoer van grondstoffen die nog niet zijn verwerkt.
Verder pleit het document voor minder handelsbelemmeringen tussen Afrikaanse landen. De opstellers zijn ook kritisch over internationale verdragen. Volgens hen krijgen Afrikaanse vertegenwoordigers soms ingewikkelde documenten voorgelegd zonder genoeg tijd om de mogelijke gevolgen te onderzoeken.












































Praatmee