Tegen de stroom in: zendingswerk in een boeddhistisch dorp

In Thailand ligt het dorpje NoonSuung. Het is bijna het Ede van vroeger, met een groot ziekenhuis, een paar legerkampen en zo’n 12.000 inwoners. Echter, anders dan in Ede staat er midden in het dorp een grote tempel. NoonSuung is ruim honderd jaar afgesloten geweest voor het evangelie. Er heeft nooit een kerk kunnen ontstaan, omdat de mensen zich aan andere goden verbonden en hun hart sloten voor het goede nieuws van Jezus Christus. Juist op die plek zijn de uit Ede afkomstige Ab en Clarine Mol nu vier jaar geleden begonnen met kerkplanting, in samenwerking met het Thaise echtpaar Arm en Nina.
Toen Ab en Clarine in mei 2020 naar UdonThani verhuisden, was de stad – zoals de rest van de wereld – in de ban van de pandemie. Er kwamen geen toeristen binnen en nieuwkomers, zoals Ab en zijn gezin, werden als verspreiders van het coronavirus gezien. Na een jaar lang evangeliseren op de straat op allerlei creatieve manieren en het zoeken naar een duidelijke focus, kwamen pastor Arm en zijn vrouw Nina op hun pad. Zij hadden net de predikantenopleiding in Bangkok afgerond en Nina wist dat God hen terugriep naar UdonThani, de provincie waar ze vandaan kwamen. Een aantal jaren daarvoor had Nina een visioen gehad, waarin ze zag dat zij en Arm samen met een gezin pionierden in NoonSuung. Ze ontmoetten Ab en Clarine en vonden een gebouwtje waarin ze een kerk konden opstarten – het gebouwtje dat Nina in haar visioen had gezien.
Kerkplanting onder de Thai
Tijdens de eerste kerkdienst waren er slechts zes mensen, inclusief Ab, Clarine, Arm en Nina. Inmiddels is dat aantal verveelvoudigd, zelfs tot zo’n aantal dat ze besloten om de kerken te splitsen. Er zijn vanuit NoonSuung 120 mensen gedoopt en een deel gaat nu naar de kerk in het nabijgelegen dorp SiiOo.
Pionieren in een boeddhistisch dorp als NoonSuung gaat echter niet zonder slag of stoot: er komt veel geestelijke strijd bij kijken. De meeste dorpsbewoners hebben een passieve en afwijzende houding. Ze glimlachen vriendelijk, maar moeten eigenlijk niets van de christenen hebben. Bovendien vallen de mensen die al in de kerk zitten, geregeld terug in hun oude patronen. Ook is Ab wel eens bij een echtpaar in huis geweest: de vrouw was wel een christen, maar haar man niet. De vrouw vroeg Ab of hij voor het huis wilde bidden, dus dat deed Ab. De man zat erbij en liet het gebeuren, maar de vrouw is daarna nooit meer in de kerk gekomen.
De Thai zijn in hun geestelijke groei net waterbuffels: als die door een rijstveld wandelen, moet dat voetje voor voetje, en het gaat vaak zwaar en moeizaam. De Thai komen ook niet in één keer tot geloof. Ze doen het stapje voor stapje, en er gaan vaak jaren overheen voordat ze hun hele leven aan God geven en hun oude leven achter zich laten. Dit geldt ook voor de bewoners van NoonSuung.
Het Thaise tempo is in meerdere opzichten anders dan dat van Nederland en daar moest Ab in het begin flink aan wennen. Maar nu verloopt de samenwerking met Arm en Nina beter dan ooit en het Thaise echtpaar wijst hem ook op de subtiele gewoontes en gebruiken waar je als westerling soms gemakkelijk aan voorbijgaat. Zo weet hij nu dat het belangrijk is om elk jaar langs de burgemeester te gaan, als ze later een kerk willen bouwen. Ook proberen beide echtparen goede relaties te onderhouden met de wijk- en dorpshoofden van NoonSuung. Dit heeft zelfs tot gevolg dat het dorpshoofd nu elk jaar met kerst de mensen oproept om naar de kerstviering te gaan die de kerk organiseert.
Impact
Hoe meer groei, hoe meer geestelijke strijd – maar God is sterker en de effecten van Zijn werk worden steeds duidelijker in NoonSuung. In de kerk zitten bijvoorbeeld veel jongeren die uit gebroken gezinnen komen en worstelen met een laag gevoel van eigenwaarde. Nu ze elke week horen hoe waardevol ze zijn in Gods ogen en hoeveel Hij van hen houdt, zie je hun zelfbeeld langzaam transformeren.
Een voorbeeld van zo’n jongere is Mint. Haar vader is toen ze jong was al uit beeld verdwenen en haar moeder kijkt niet naar haar om: die werkt op 700 kilometer afstand in Bangkok en is nooit meer thuis. Mint verbleef bij haar oma, maar die had ook geen kracht meer om er voor haar te zijn. In november 2023 is Mint gedoopt en sindsdien heeft ze een enorme groei doorgemaakt. Na al een half jaar leidde ze de lofprijzingsdiensten en hielp ze mee met lesgeven op de zondagsschool. Vorig jaar augustus heeft ze gezegd: "Ik wil God dienen zolang ik leef en mijn hele leven aan Hem toewijden." Mint is sinds mei 2025 begonnen aan haar theologiestudie in Bangkok. Ze is dan wel opgegroeid in een gebroken zin, maar nu is ze opgenomen in de familie van God.
Niet alleen jongere vrouwen komen tot geloof. Ook Nung, een man van in de veertig, is door God in het hart gegrepen. In de Thaise samenleving staat echte masculiniteit hoog in het vaandel voor mannen en Nung heeft voor hij tot geloof kwam dan ook een echt mannenleven geleid. Hij rookte, dronk, schreeuwde en versierde vrouwen. Eén vrouw is niet genoeg – je moet er minimaal twee hebben, liefst meer. Toen Nung tijdelijk in Korea werkte, kwam hij in aanraking met het evangelie. Hij lachte de mensen uit, die hem over Jezus vertelden: ook dat is een typisch masculiene reactie. Later kwam hij toch met zichzelf in gevecht en in NoonSuung stapte hij de kerk binnen. Daar raakte God hem aan en hij is nooit meer weggegaan. Zijn werkelijke karakter kwam naar boven: Nung blijkt een liefdevolle, zorgzame en dienende man te zijn, die alle klusjes in de kerk oppakt zonder te klagen. Nu volgt hij op afstand een theologiestudie en is hij leider van een Bijbelstudiegroep, die potentie heeft om een kerk te worden in een nabijgelegen dorp.
Tot slot speelt ook het gemeenschapsgevoel van de Thai een belangrijke rol in de keuze voor het christendom. Als een vader en een zoon tot geloof gekomen zijn, maar de moeder nog niet, dan kan zij er toch voor besluiten om ook tot geloof te willen komen. Dit begint bij het verlangen om hen ook in het hiernamaals te zien en religie gezamenlijk in de praktijk te brengen, maar het eindigt erbij dat ze als huisgezin de Heere willen dienen.
Persoonlijke ervaring Ab
Dit zendingswerk heeft niet alleen impact op de inwoners van NoonSuung, maar ook op Ab zelf. Het belangrijkste is dat hij leert om steeds op een dieper niveau afhankelijk te zijn van God en Zijn leiding. Ook is hij steeds meer de veelkleurigheid van Gods koninkrijk gaan zien en leert hij meer over de cultuur waar hij te gast is. Bovendien leert hij van Arm, en Arm weer van hem. Ab en Clarine brengen coachingservaring mee en kunnen Arm en Nina helpen om rustig te blijven in stressvolle situaties. Arm op zijn beurt behoedt Ab voor vergissingen, die gauw gemaakt zijn met de vele Thaise culturele nuances die een westerling onbekend zijn.
Een kerk planten is het allermooiste wat Ab ooit heeft gedaan, maar ook het allerzwaarste. De geestelijke wapenrusting aantrekken – ook Abs belijdenistekst – is noodzakelijk. Hij weet dat hij niet overeind zou kunnen blijven als hij geen duidelijke roeping had gehad. Geestelijke strijd ontwikkelt zich vaak rond de zwakke punten in iemands karakter, heeft Ab ervaren. De duivel wil zendingswerkers het liefst zo snel mogelijk van het veld af hebben, dus hij blijft ze raken op hun zwakke plekken. Vroeger begreep Ab niet waarom Paulus zijn brieven aan de gemeentes schreef zoals hij ze schreef: er klonk veel pijn, moeite en last in door. Nu ziet hij dat het overgeven van je leven aan Jezus, je alles moet mogen kosten – net zoals het God alles gekost heeft toen Hij Zijn Zoon naar de aarde stuurde om ons te verlossen.
Ab heeft zijn Bijbel altijd openliggen op zijn bureau, zodat hij daar meerdere keren per dag naartoe kan gaan als dat nodig is. Juist in de zware geestelijke strijd, steunt God hem. Hij geeft altijd precies dat wat Ab nodig heeft, op het juiste moment. Dit kan een kaartje zijn uit Nederland, zijn oudste dochter die getuigt over Gods plan met haar leven, een kind dat blij staat te springen als ze aan het zingen zijn of iemand die het laatste geld dat hij heeft in de collectezak stopt, omdat hij al genoeg te eten heeft.
Toekomstvisie
Ab ziet dat hij en Clarine hier nog lang betrokken kunnen blijven, maar dat hun rol wel gaat veranderen. In het begin evangeliseerde hij met Arm op straat, maar nu trainen ze mensen om Bijbelstudies te leiden. De kerk ontwikkelt steeds verder en Ab is nu bezig met kadervorming: wat willen ze in de gemeente aanbieden aan de leden en nieuwkomers? Wel houdt hij het werk losjes vast – het moet nooit om jou als persoon draaien, vindt hij – en samen met Arm probeert hij om alles zo simpel mogelijk te organiseren, zodat het makkelijk overgenomen kan worden.







































Praatmee