Veilige Kerk roept kerken op tot actie na waarschuwend rapport

Stichting Veilige Kerk roept kerken op om pro-actiever werk te maken van preventie van seksueel misbruik en grensoverschrijdend gedrag. Aanleiding is een nieuw WODC-onderzoek naar seksueel misbruik en aangiftebereidheid binnen religieuze gemeenschappen in Nederland.
Volgens voorzitter Almatine Leene onderstreept het rapport het belang van blijvende aandacht voor veiligheid in kerken. “Kom in beweging, de urgentie is hoog”, zegt zij. “Veel kerken zijn nog te afwachtend.”
Het WODC-rapport, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid, beschrijft ontwikkelingen in de afgelopen twintig jaar. Volgens Veilige Kerk worden christelijke gemeenschappen gewaardeerd om hun inzet rond dit thema, onder meer via meldpunten en protocollen. Tegelijk waarschuwt het onderzoek dat veel beleid nog vooral reactief is: kerken komen vaak pas in actie als grensoverschrijdend gedrag al heeft plaatsgevonden.
“Veiligheid op seksueel gebied gaat ons allemaal aan en we zijn er allemaal verantwoordelijk voor”, aldus Leene. Zij wijst erop dat Veilige Kerk een stappenplan voor gemeenten heeft ontwikkeld. “Stap één is bezinning op preventie, daar begint het wat ons betreft mee. Maar het kan niet bij bezinning alleen blijven.”
Het rapport noemt verschillende factoren die misbruik binnen religieuze gemeenschappen kunnen beïnvloeden, zoals machtsverhoudingen, leiderschap, gemeenschapscultuur, spreken over seksualiteit en interne procedures. Ook wordt gewezen op het risico dat slachtoffers onvoldoende erkenning krijgen of onder druk komen te staan om snel te vergeven.
Veilige Kerk wordt in het rapport meerdere keren genoemd als kennispartner. Volgens het WODC kan de expertise van de stichting worden benut bij preventie, scholing van religieuze leiders en begeleiding van slachtoffers.
Leene ziet daarin een duidelijke opdracht. “We zien dat er goede dingen gebeuren binnen christelijke gemeenschappen, maar er is nog erg veel werk te verzetten. Mijn oproep aan kerken is om pro-actief met preventie aan de slag te gaan.”






































Praatmee