Oproep tot hernieuwd Pinkstervuur: een belijdenis voor een nieuwe generatie
Honderdtwintig jaar na de Azusa Street Revival roept theoloog Samuel Lee op tot bezinning binnen de pinksterbeweging. In deze belijdenis kijkt Samuel Lee terug op een rijke geestelijke erfenis, maar benoemt hij ook eerlijk waar het vuur is vervormd of verzwakt.
Preambule
Honderdtwintig jaar geleden, in een eenvoudig gebouw aan Azusa Street in Los Angeles, werd een beweging geboren die de wereldwijde Kerk zou veranderen. Mannen en vrouwen (rijk en arm, migranten en lokale bewoners, zwart en wit) kwamen samen in nederigheid en verwachting, op zoek naar niets anders dan de aanwezigheid van God. Daar werd de Heilige Geest opnieuw uitgestort, barrières doorbrekend, waardigheid herstellend en een vuur ontstekend dat zich tot aan de uiteinden van de aarde zou verspreiden.
De Azusa Street Revival was niet gebouwd op macht, status of spektakel, maar op bekering, gebed en een diep verlangen naar God. Het was een getuigenis van een evangelie dat verenigt, bevrijdt en leven geeft. Diezelfde Geest beweegt nog steeds door generaties, culturen en volken heen.
Tegelijkertijd geven wij, honderdtwintig jaar later, dank voor de vele manieren waarop dit vuur is blijven branden. Het bracht vernieuwing in kerken, hoop voor de armen, genezing voor gebrokenen en geloof voor nieuwe generaties over de hele wereld.
En toch moeten wij ons afvragen: wat hebben wij met dit vuur gedaan?
Ondanks deze rijke groei en levende traditie moeten wij ook erkennen dat delen van de pinksterbeweging zijn vervormd. Soms gevormd door het najagen van macht, welvaart, spektakel en angstgedreven interpretaties van de eindtijd. Te vaak zijn velen van ons stil gebleven tegenover deze ontwikkelingen.
In dankbaarheid voor wat ons gegeven is, en in het besef van wat verloren, vertroebeld of vervormd is geraakt, schrijf ik deze belijdenis. Ik doe dit niet als buitenstaander, maar als iemand die door de pinksterbeweging is gevormd. Ik ben gedragen door haar gebeden, geraakt door haar getuigenis en gevormd door haar aanbidding. In de kracht van de Heilige Geest zag ik hoe zij aanwezig is onder armen, migranten en vergeten mensen.
In de geest van de vroege Kerk keer ik terug naar het belang van belijden, juist in tijden van vernieuwing en correctie. Daarom bied ik deze woorden aan, niet als veroordeling maar als een oproep. Een oproep om te herinneren en, waar nodig, tot inkeer te komen. Bovenal is het een uitnodiging om terug te keren naar het hart van het Pinkstergeloof: de liefde van Christus, de vrijheid van de Geest, het gezag van de Schrift en het zoeken naar genade, gerechtigheid en barmhartigheid.
Daarom bied ik deze belijdenis aan in de aanwezigheid van God en in de gemeenschap van de wereldwijde Kerk, van verleden, heden en toekomst. Ik doe dit als een uitnodiging aan mijn pinkster- en charismatische broeders en zusters om te onderscheiden en te reflecteren. Waar het geweten het toelaat, nodig ik hen uit zich aan te sluiten bij deze gezamenlijke daad van trouw en vernieuwing. Laten wij samen opstaan en getuigen van de ware betekenis van het Pinkstergeloof. Niet alleen in wat wij verkondigen, maar ook in wat wij bereid zijn te belijden en te belichamen.
Wie zich in deze belijdenis herkent, wordt uitgenodigd om dit getuigenis te delen en erover in gesprek te gaan binnen de eigen gemeenschap, persoonlijk en samen met anderen.
De Belijdenis van een Vernieuwd Pinkstergeloof
Ik geloof in God, de almachtige Vader,
Schepper van hemel en aarde;
en in Jezus Christus, Zijn Zoon, onze Heer;
en in de Heilige Geest,
de Gever van leven,
uitgestort over alle mensen.
Ik belijd dat de Heilige Geest gegeven is aan de hele Kerk,
in al haar stromingen, tradities en talen,
en niet het bezit is van één enkele kerk of denominatie.
Ik belijd de Heilige Schrift
als door God geïnspireerd
en gegeven tot openbaring van genade,
niet tot het verspreiden van angst, schuld of controle.
Ik belijd de eenheid van de ene, heilige, algemene (katholieke) en apostolische Kerk,
en erken allen die de Naam van Christus aanroepen
als broeders en zusters
in één geloof, één doop en één Geest.
Ik belijd de Kerk als een profetische Kerk,
geroepen om Christus te belijden en onmenselijke en onrechtvaardige praktijken aan te spreken,
beginnend binnen de Kerk
en zich uitstrekkend tot in de samenleving.
Ik belijd dat het Evangelie verkondigd moet worden
met genade en zachtmoedigheid,
nooit met arrogantie, dwang of overheersing.
Ik belijd dat evangelisatie geen programma of systeem is,
maar een levenswijze in Christus.
Ik belijd dat kerkelijk leiderschap dienst is, geen status;
opoffering, geen voorrecht;
liefde, geen overheersing
en nooit het najagen van zelfgekozen titels of macht.
Ik belijd de volledige waardigheid en gelijkwaardigheid van vrouwen en mannen,
en verbind mij ertoe onrecht dat vrouwen wordt aangedaan te benoemen en te bestrijden, zowel binnen de Kerk als daarbuiten.
Ik belijd dat het zekerste teken van de Heilige Geest liefde is,
geduldig, barmhartig en volhardend,
waardoor de wereld de discipelen van Christus zal herkennen.
Ik belijd dat wonderen en tekenen
behoren tot de soevereine vrijheid van God
en met nederigheid ontvangen moeten worden
en gericht moeten zijn op Christus alleen.
Daarom verwerp ik elke vorm van het vercommercialiseren van het heilige,
inclusief het misbruik van wonderen, tekenen en krachten,
en belijd ik dat het Evangelie een gave is en geen product.
Ik verwerp het welvaartsevangelie in al zijn vormen.
Ik belijd dat geven een daad van aanbidding is
die vrij uit het hart moet voortkomen,
en nooit uit angst, dwang of manipulatie.
Ik verwerp het misbruik van de Schrift, zoals de verdraaiing van teksten als Maleachi 3,
wanneer angst en schuld aan gemeenten worden opgelegd.
Ik belijd dat ik Bijbelteksten niet gebruik als instrument voor speculatieve profetieën over de eindtijd, oorlogen of geweld,
maar ze ontvang als getuigenis van Gods verlossend handelen in Christus.
Ik verwerp angstgedreven theologie en geestelijk misbruik en vormen van manipulatie,
want waar de Geest van de Heer is, daar is vrijheid,
en geen dwang.
Ik belijd de roeping van de Geest
tot gerechtigheid, mededogen en barmhartigheid,
en tot het verdedigen van de armen,
de onderdrukten,
de weduwe, de wees en de vreemdeling.
Ik belijd de roeping om een vredestichter te zijn in deze wereld,
en verzoening te zoeken
waar vijandigheid, haat en onverschilligheid heersen.
Ik belijd mijn verantwoordelijkheid om zorg te dragen voor de schepping,
en erken mijn tekortkomingen in goed rentmeesterschap.
Ik belijd respect voor alle culturen en religies
en verbind mij tot eerlijke dialoog, zonder verborgen agenda,
zonder mijn christelijk geloof te verloochenen.
Ik belijd de roeping tot heilige dialoog met alle mensen,
opdat de waarheid in nederigheid gezocht wordt
en de liefde het wint van angst.
Ik belijd de waardigheid van ieder mens,
geschapen naar het beeld van God,
en daarom zet ik mij in voor mensenrechten voor allen.
Ik belijd dat mensen met diverse genderidentiteiten mijn naasten zijn, en verbind mij ertoe hen met liefde en respect te behandelen, waarbij ik elke vorm van demonisering in woord of daad verwerp.
Ik belijd dat de Kerk het volk van God is,
geroepen tot gemeenschap met Christus en met elkaar,
en dat haar ware getuigenis
zichtbaar wordt in liefdevolle gemeenschap
door Jezus Christus.
Ik belijd mijn geloof in de oecumenische eenheid van het Lichaam van Christus.
Amen.
Zo geloof ik.
En zo - door de genade van God -
wil ik leven
als een vernieuwde pinkstergelovige.
Toelichting
Deze tekst wordt in april gepubliceerd en niet met Pinksteren, omdat april 120 jaar Azusa Street Revival markeert. Een moment dat de wereldwijde Kerk diepgaand heeft beïnvloed en aan de basis stond van de moderne Pinksterbeweging. Door deze publicatie op dit moment te doen, keer ik bewust terug naar de bron van die beweging.
Mijn “Belijdenis van een vernieuwde pinkstergelovige” is geschreven vanuit dankbaarheid voor de groei en wereldwijde impact van de Pinksterbeweging, en tegelijkertijd vanuit eerlijke reflectie op waar vernieuwing nodig is. Deze belijdenis wordt aangeboden als een persoonlijke maar publieke tekst, bedoeld als uitnodiging tot reflectie, gesprek en hernieuwde trouw binnen de Kerk.






































Praatmee