Nieuw onderzoek toont betrouwbaarheid Bijbel: koninkrijk Juda kende expansiedrift onder David

Het koninkrijk Juda, zoals we dat kennen uit de Bijbel, breidde zich al eerder uit dan oorspronkelijk gedacht werd, zegt archeoloog en professor Yosef Garfinkel van de Hebreeuwse Universiteit in Jeruzalem. Nieuw onderzoek toont aan dat Juda zich al in de tijd van koning David zuidwaarts uitbreidde, meldt All Israel News.
In een nieuw artikel, gepubliceerd in het Jerusalem Journal of Archaeology, stelt professor Yosef Garfinkel dat het koninkrijk van Juda zich in de tijd van koning David (tiende eeuw voor Christus, red.) al uitbreidde naar het heuvelland van Juda en het noordelijke Shephelah-gebied ten zuidwesten van Jeruzalem.
De Shephelah was in bijbelse tijden belangrijk landbouwgebied vanwege de vruchtbare grond, glooiende heuvels en de vele regenval. Zoals te lezen is in het Bijbelboek Ruth, was de regio de graanschuur voor de zuidelijke stammen. Het veiligstellen van deze rijke landbouwgrond zou een prioriteit zijn geweest voor het koninkrijk.
In zijn uitgebreide studie bekeek Garfinkel enkele van de eerste versterkte plaatsen in het koninkrijk van Juda in de tiende eeuw, waaronder de plekken Khirbet Qeiyafa, Beth Shemesh, Tell en-Nabeh (het Bijbelse Mizpah), Khirbet ed-Dawwara en Lachish.
Garfinkels studie is niet gebaseerd op nieuwe archeologische opgravingen, maar op een zorgvuldige analyse van eerdere opgravingen die Saar Ganor van de Israel Antiquities Authority en professor Michael Hazel van de Southern Adventist University uitvoerden.
"Het bewijs was al eerder bekend, het is geen kwestie van nieuwe ontdekkingen. Er was iemand nodig die het complete beeld dat deze bevindingen kon schetsen en observeren. Ik ben blij dat ik die rol heb kunnen vervullen", zei Garfinkel.
De vondsten laten de uitbreiding zien van het type versterkte steden die genoemd worden in de Bijbelboeken 1 Samuël en 2 Samuël. Deze steden hadden vaak dubbele muren waarmee waardevolle landbouwgrond beschermd moest worden en het gevaar op een vijandelijke inname moest verminderen.
Khirbet ed-Dawwara beschermde de noordoostelijke grens van Jeruzalem, terwijl Tell en-Nabeh (het Bijbelse Mizpah) de noordwestelijke grens beschermde. Beth Shemesh beschermde de westelijke grens en de route naar de zee. Khirbet Qeiyafa beschermde de zuidwestelijke grens. Na de verdere zuidwaartse uitbreiding van Rehoboam beschermde Lachish de zuidelijke grens.
"De ontdekking van een barrièremuur in dit gebied definieert effectief de grenzen van de stedelijke kern van het koninkrijk van David, waardoor er een einde komt aan het langdurige historische debat over het bestaan van het koninkrijk en zijn grenzen", zei Garfinkel.
De stad Khirbet Qeiyafa ligt aan de overkant van de Ela Vallei van de Filistijnse stad Gath. In de vallei vocht David tegen de beroemdste en beruchte inwoner van de stad, Goliath.
Nadat het koninkrijk zijn hoofdstad naar Jeruzalem verplaatste, verspreidde het zich verder naar het zuiden om het belangrijke landbouwgebied te beschermen tegen een eventuele Filistijnse invasie. De Filistijnen waren in die tijd de meest prominente vijand van het koninkrijk van Juda.
De vondsten van Garfinkel lijken het bijbelse verslag van Juda in de tijd van koning David tot en met Rehoboam als een jong en uitbreidend koninkrijk te ondersteunen.
"Deze vondst levert tastbaar bewijs dat de bijbelse verslagen van de uitbreiding en versterking van Juda onder koning Rehoboam ondersteunt, zoals beschreven staat in het Bijbelboek Kronieken. Het is een zeldzaam gebeurtenis waarin we empirisch, historisch en archeologisch bewijs kunnen presenteren dat overeenkomt met de bijbelse verhalen uit de tiende eeuw voor Christus", aldus de studie.

































Praatmee