Goed doen zonder schade: wat christenen vaak over het hoofd zien bij doneren

“Ik geef liever spullen dan geld. Dan weet ik tenminste zeker dat mijn investering niet verkeerd terecht komt.” Dit is een redenering die ik vaak hoor als mensen aan een goed doel willen bijdragen. Heel begrijpelijk. We willen allemaal dat onze investering juist is en bij de juiste mensen terecht komt. Het komt vaak uit de beste intenties en goed rentmeesterschap. En toch heb ik daar mijn vraagtekens bij.
Waar komt deze redenering vandaan? Mensen zijn mensen, geld geeft macht en macht corrumpeert. We kennen allemaal 'schandaalverhalen' van non-profits en zeker van de humanitaire organisaties die in instabiele regio's werken. Door corruptie komen er duizenden euro's per jaar bij 'foute' machtshebbers terecht. De ceo heeft een dijk van een salaris. Non-profitmedewerkers gaan om de haverklap op dure vakanties. Deze situaties komen helaas voor en dat maakt mensen, begrijpelijk, voorzichtig.
En dus is het beter om spullen te geven... of niet?
Toen ik in september 2022 voor Medair in Oekraïne ging werken, hoorde ik van mijn collega's over de chaos die er de afgelopen maanden had geheerst. Duizenden Oekraïners waren de grens met Polen overgestoken. Vrijwilligers van over heel Europa stonden klaar om mensen de weg te wijzen en spullen te doneren. Vrachtwagens vol kwamen eraan. Een hotel doneerde matrassen. Maar er ontstonden problemen. Die king-size matrassen pasten op geen enkel bed in het opvangcentrum. De helft van de kleding was niet geschikt. De lokale winkels konden hun spullen niet meer goed verkopen omdat iedereen ze al gratis had gekregen uit een ander land.
Wie helpen we eigenlijk?
Binnen humanitaire non-profits hebben we het gezamenlijke principe van 'do no harm'. Uit jarenlange ervaring is gebleken dat het doneren van spullen in de meeste gevallen meer kwaad doet dan goed. Allereerst krijgen mensen vaak spullen die ze niet nodig hebben. Misschien hebben ze geen behoefte aan onze oude kleding van zolder, maar wel aan diabetesmedicatie. Soms eten mensen ons soort eten niet en weten ze niet hoe ze daarmee kunnen koken. Ook kunnen we schade toebrengen aan de lokale economie als we alle spullen uit een ander land transporteren in plaats van ze daar te kopen. Als we mensen een steuntje in de rug willen geven, moeten we ook denken aan de langere termijn. Daarnaast geven we aan mensen in nood. Dat hadden wij onder andere omstandigheden ook kunnen zijn. Zouden wij ook niet liever de waardigheid van de keuze willen hebben?
Wat is onze motivatie om te geven?
Als we eerlijk kijken naar onze motivatie om te geven, doen we dat dan omdat we compassie hebben voor onze medemens in nood? Of doen we het omdat we onszelf beter willen voelen? Is het belangrijker om een persoonlijke band te hebben met de persoon wiens 'weldoener' we zijn, zodat we 'dank je wel' uit hun eigen mond horen? Of heeft het meer waarde om een groter aantal mensen te bereiken wiens naam we nooit zullen weten? Dit zijn confronterende vragen om te stellen. Want ergens diep in ons willen we er graag toe doen en onze goede daden erkend zien worden.
De opdracht van Jezus
Deze vragen waren voor Jezus ook niet vreemd. Hij gaf ons hierin een opdracht: “Maar als je aalmoezen geeft, laat dan je linkerhand niet weten wat je rechterhand doet.” (Mattheus 6:3). Hier kunnen wij als non-profit-medewerkers ook nog veel uit halen. Het mooie van wat Jezus zegt is dat de druk van onze prestatie en hoe anderen over ons denken ervan af is. Je hoeft je verlossing niet terug te verdienen. Alles wat je bezit heb je van Hem gekregen! Bovendien heeft God je investering allang gezien. We hoeven niet te geven om gezien te worden, maar om werkelijk goed te doen. Ook als dat betekent dat we moeten vertrouwen op hoe een organisatie werkt.
Dit wil niet zeggen dat ik je zou adviseren om blind je geld te doneren. God heeft ons onderscheidingsvermogen gegeven en de mogelijkheid om goede vragen te kunnen stellen. Laten we dat onderscheidingsvermogen dan ook gebruiken om te zien hoe we op een goede manier andere mensen kunnen helpen en impact kunnen maken.
Uitnodiging voor een gesprek
Misschien is geven minder eenvoudig dan we soms denken. Niet omdat onze intenties verkeerd zijn, integendeel, maar omdat echte hulp vraagt om iets wat ons niet altijd vanzelf ligt: vertrouwen en loslaten. Soms betekent dat dat we niet zelf bepalen waar onze gift precies naartoe gaat, maar dat we durven vertrouwen op mensen en organisaties die dicht bij de nood staan. Zelfs als een deel van ons geld naar processen, salarissen of organisatiekosten gaat.
Want uiteindelijk gaat geven niet in de eerste plaats over controle, maar over liefde. Over recht doen, zonder dat we daar zelf iets voor terug hoeven te zien. Jezus nodigt ons uit om te geven in stilte, met een open hand en een blij hart. Misschien is dat wel de grootste uitdaging - en tegelijk de mooiste vorm van geven.
Als je dit artikel hebt gelezen, allereerst bedankt voor je aandacht! We zouden graag willen dat je over het onderwerp nadenkt en kan doorpraten met de mensen om je heen. Stel bijvoorbeeld eens de volgende vragen:
- Waarom geef ik wel/niet?
- Wat vind ik belangrijk als ik geef?
Wie weet waar dit gesprek naartoe leidt.






































Praatmee