Onderzoek: bij kerk aangesloten gelovigen hebben vaak betere mentale gezondheid

Mensen die actief betrokken zijn bij een kerk of geloofsgemeenschap beschikken vaker over een betere mentale gezondheid dan niet-gelovigen. Dat blijkt uit een groot onderzoek van het Amerikaanse Wheatley Institute. Onderzoekers bekeken meer dan duizend wetenschappelijke studies over geloof en mentale gezondheid.
In het onderzoek werden onder meer depressie, angst, stress, verslavingen en zelfdoding onderzocht. In 961 onderzoeken zagen wetenschappers dat geloof en actieve kerkgang samenhingen met een betere mentale gezondheid. In 101 studies werden juist negatieve effecten genoemd.
“De beste wetenschappelijke onderzoeken laten zien dat geloof, gebed en actieve betrokkenheid bij een kerk of geloofsgemeenschap vaak samenhangen met een betere mentale gezondheid”, zegt hoofdonderzoeker Loren D. Marks.
Minder depressie en zelfdoding
Vooral bij zelfdoding zagen onderzoekers duidelijke verschillen. Van de 76 grote studies liet bijna 90 procent zien dat gelovige mensen minder vaak met zelfdoding te maken kregen.
Een langdurig onderzoek onder bijna 110.000 zorgmedewerkers liet zien dat vrouwen die wekelijks een kerkdienst bezochten 75 procent minder kans hadden om door zelfdoding te overlijden. Bij mannen lag dat percentage op 48 procent.
Uit meerdere onderzoeken bleek ook dat gelovige mensen minder vaak last hadden van depressie en angstklachten. De sterkste resultaten gingen over emotioneel welzijn. Veel studies lieten zien dat gelovige mensen vaker hoop, geluk, positiviteit en tevredenheid ervaren.
Volgens de onderzoekers maakt vooral actieve betrokkenheid verschil. Niet alleen het noemen van een geloof, maar juist regelmatig deelnemen aan kerkdiensten en activiteiten binnen de geloofsgemeenschap lijkt belangrijk te zijn.










































Praatmee