Ds. C. H. Hogendoorn: "De Bijbel spreekt in passieve vorm over Jezus' hemelvaart"

In kerkelijk spraakgebruik hebben we het doorgaans over de hemelvƔƔrt van de Heere Jezus. Opmerkelijk is het dat de Schrift vaker in passieve vorm spreekt. De Vorst van Pasen wordt opgenomen in de hemel. Dat gebeurt door de Vader, schrijft ds. C. H. Hogendoorn in De Waarheidsvriend.
Nu willen we over woorden niet twisten, maar het is wel van belang elkaar uit de doeken te doen waarom de Bijbel op veel plaatsen benadrukt dat de VƔder Zijn Kind thuishaalt. Te denken valt bijvoorbeeld aan wat Lukas hierover schrijft in Handelingen.
Weliswaar staat er in diverse bijbeluitgaven boven de betreffende perikoop in hoofdstuk 1 āhemelvaartā, in vers 9 noteert de evangelist nadrukkelijk dat de Heere Jezus voor de ogen van Zijn discipelen wĆ³rdt opgenomen (beter misschien nog: opgehĆ©ven) in de hemel. Zo lezen we het ook in Handelingen 1:2 en 1:22.
Op precies dezelfde wijze schrijft Markus hierover in het laatste hoofdstuk van zijn Evangelie (16:19). De apostel Paulus schrijft aan TimotheĆ¼s dat deze opneming van de Zoon door de Vader in de hemelse glorie tot het geheimenis van de godsvrucht behoort (1 Tim.3:16). Het is geen ongepaste nieuwsgierigheid wanneer we vragen naar wat het geheim (mysterie) van deze opneming in de hemel precies is.
De Vader grijpt in
Het gebruik van passieve werkwoordsvormen in het Nieuwe Testament wijst er vaak op dat God Zelf erachter zit. HĆj is werkzaam. Zo verstaan we ook de hemelvaart van Christus. De Heere Jezus neemt zegenend afscheid van Zijn discipelen, terwijl de hemel Hem binnenhaalt en ontvangt (Hand.3:21). Zo zien wij dat het waar is wat artikel 8 van de NGB belijdt over God de Vader: āDe Vader is de Oorzaak, Oorsprong en het Begin van alle dingen.ā
Het kan geen kwaad om rond de heilsfeiten te wijzen op de machtige werken van de Vader. Zijn we Hem niet (te) snel vergeten? De Vader gaf Zijn Zoon (Kerstfeest), Hij gaf Hem over tot in de dood (Goede Vrijdag), wekte Hem op uit het graf (Pasen), nam Hem op in de hemel (Hemelvaartsdag) en stort Zijn Geest uit (Pinksteren).
Dit is een immense troost wanneer we weleens somberen dat God Zich afzijdig houdt, helemaal niets doet, alsof alles maar gewoon zān gang gaat zonder ingrijpen van Bovenaf. Inderdaad, het heeft er soms de schijn van dat God Zich teruggetrokken heeft. Slaapt Hij soms, in de hemel? Zitten er geen vierhonderd jaren tussen laatste profeet Maleachi en de geboorte van de Heere Jezus? En toch, de heilsfeiten tonen op overtuigende wijze dat de Vader wel degelijk reddend ingrijpt in deze verloren wereld.
Geheimenis
In de eerste brief aan TimotheĆ¼s rekent Paulus het feit dat de Heere Jezus is opgenomen in heerlijkheid tot het grote geheim van de godsvrucht (1 Tim.3:16). Opmerkelijk is overigens dat de apostel dit heilsfeit als laatste noemt. We moeten in de opsomming dan ook geen chronologische volgorde zien. Vers 15 en 16 vormen het hoogtepunt van deze zendbrief en het is belangrijk om vast te stellen dat de apostel in vers 16 een nadere invulling geeft aan wat hij in vers 15 schreef over de gemeente van God als zuil en fundament van de waarheid.
De waarheid die de gemeente heeft te geloven is onder meer Jezusā opname in de hemelse glorie. Het woord geheimenis moet ons hierbij niet op het verkeerde been zetten. Paulus gebruikt dit woord in zijn brieven (bijv. in Rom. 11:25; 1 Kor. 4:1 en Kol. 1:26) steeds om aan te geven dat wat eeuwenlang bij God verborgen was nu in Christusā komst en werk openbaar geworden is. Sterker nog: de inhoud van Gods grote mysterie is Christus Zelf: geopenbaard in het vlees, gerechtvaardigd in de Geest, verschenen aan de engelen, gepredikt aan de heidenen, geloofd in de wereld en opgenomen in heerlijkheid.
Ds. C. H. Hogendoorn is predikant van de hervormde gemeente te Katwijk aan Zee en tot vandaag lid van het hoofdbestuur van de Gereformeerde Bond. Klik hier om zijn volledige artikel te lezen.
Praatmee