Ds. Schakel beantwoordt Refoweb-vraag: ‘Spui geen azijn over jonge bekeerlingen’
Binnen reformatorische kring wordt soms met scepsis gekeken naar de groeiende stroom getuigenissen van jongeren die tot geloof komen. Volgens ds. T. Schakel (foto) uit Yerseke is die houding niet altijd terecht. In een antwoord op Refoweb roept hij christenen op om jonge bekeerlingen niet te benaderen met wantrouwen.
Aanleiding is een vraag van een lezer die merkt dat in zijn omgeving kritisch wordt gereageerd op getuigenissen van vooral seculiere jongeren die tot geloof zijn gekomen. Sommigen vinden het verdacht dat er sprake lijkt te zijn van een opwekking. Ook wordt gewezen op een levensstijl die volgens critici niet altijd aansluit bij wat binnen reformatorische kring gebruikelijk is.
Vrucht van de Geest
Volgens ds. Schakel wordt geestelijk leven niet in de eerste plaats zichtbaar in uiterlijke kenmerken of kerkelijke gewoonten. 'De vrucht van het nieuwe leven door Gods Geest is niet: de juiste kleur rok, de correcte psalmberijming, een middagdutje op de bank op zondagmiddag tussen de kerkdiensten in', aldus Schakel. Hij wijst op Galaten 5, waar liefde, blijdschap en vrede worden genoemd als kenmerken van het werk van de Heilige Geest.
Tegelijkertijd maakt Schakel onderscheid tussen afwijzende kritiek en oprechte bezorgdheid. Wanneer christenen vragen hebben over de levensheiliging van jonge gelovigen, is dat volgens hem niet verkeerd. Wel moeten zij beseffen dat God niet altijd werkt volgens menselijke verwachtingen. 'De Heere werkt niet volgens ons boekje', schrijft hij.
Geen kritiek, maar begeleiding
Als voorbeeld noemt de predikant Apollos uit Handelingen 18. Hoewel deze al met overtuiging over Christus sprak, werd hij door Aquila en Priscilla verder onderwezen. Volgens Schakel ligt daar een belangrijke les. 'In plaats van azijn te spuien over wat er nogal niet deugt in hun leven, samen met ze te gaan zitten en in liefde de weg van de Heere nauwkeuriger onderwijzen', schrijft hij.
Ook verwijst hij naar Handelingen 19, waar Paulus leerlingen ontmoet die nog weinig begrijpen van het evangelie. Paulus wijst hen niet af, maar onderwijst hen verder en betrekt hen bij de gemeente.
Bidden voor jonge gelovigen
Ds. Schakel besluit zijn antwoord met een oproep om jonge bekeerlingen niet op afstand te houden, maar hen te omringen met gebed en onderwijs. 'Ga met elkaar om die nieuwe jongeren heen staan, in liefde biddend, onderwijzend, hen dopend en nodigend aan de tafel, opdat zij net als wij ook mee mogen groeien op de leerschool van de Heilige Geest.'


































Praatmee