Het geloofsverhaal van Aron uit Rotterdam: "Jezus werd mijn rolmodel"

In een persoonlijk getuigenis vertelt Aron hoe Jezus voor hem niet alleen een geloofsfiguur is, maar een levend rolmodel dat richting geeft aan zijn hele leven. Zijn verhaal laat zien hoe geloof kan verschuiven van iets wat je meekrijgt naar iets wat je bewust kiest. Het is het verhaal van opgroeien met de Bijbel, zoeken en uiteindelijk thuiskomen bij de kern van het evangelie.
Aron groeide op in Rotterdam, in een gezin waar het christelijk geloof een belangrijke plaats innam. Zijn moeder gaf het geloof actief door. Zondagen draaiden om de kerk en de zondagschool, thuis werd dagelijks uit de Bijbel gelezen en gebeden. Het geloof was geen bijzaak, maar verweven met het dagelijks leven. Tegelijk leefde het gezin niet in een afgesloten wereld. Vrienden die niet christelijk waren, waren welkom. Dat maakte Aron al jong duidelijk dat geloven geen vanzelfsprekendheid is.
Die overtuiging werd versterkt toen zijn ouders scheidden. Zijn vader is geen christen en de spanningen thuis maakten indruk. Aron begon zich te realiseren dat geloven een keuze is en niet iets wat automatisch bij je hoort omdat je in een christelijk gezin opgroeit. Toch beschouwde hij zichzelf lange tijd als een goed mens. Hij probeerde goed te leven en had het idee dat God daar vast tevreden mee zou zijn. Of God hem werkelijk goed zou vinden, hield hem eerlijk gezegd niet zo bezig.
Hoewel Aron nog steeds meeging naar de kerk, begon hij zich er steeds minder thuis te voelen. De geloofscultuur sprak hem niet aan. Hij herkende zich niet in de manier waarop anderen hun geloof beleefden. Wat ooit belangrijk was, verloor langzaam zijn betekenis. Zonder een bewuste breuk dreef hij steeds verder van God af. Muziek en invloeden uit zijn omgeving bepaalden steeds meer zijn denken. Zijn vervulling zocht hij in de wereld om hem heen, niet in God.
Een keerpunt kwam toen een goede vriend zich liet dopen. Aron zag dat het leven van zijn vriend zichtbaar veranderde. Uit nieuwsgierigheid ging hij naar de doopdienst. Daar hoorde hij een uitspraak die hem diep raakte: “God heeft geen kleinkinderen.” Die woorden maakten duidelijk wat hij al die tijd had gevoeld. Hij leefde uit christelijke normen en waarden, maar had zelf nooit echt een persoonlijke keuze voor Jezus gemaakt. Christen-zijn omdat je ouders dat zijn, bleek niet voldoende.
Aron besloot het geloof opnieuw te onderzoeken. Hij begon weer in de Bijbel te lezen en ging opnieuw naar de kerk. Tot zijn verrassing ervaarde hij dat preken hem persoonlijk raakten, alsof God rechtstreeks tot hem sprak. In die zoektocht kreeg hij steeds sterker het gevoel dat God hem riep. Langzaam begon Aron te begrijpen wat de kern van het evangelie is. Hij ontdekte waarom Jezus stierf aan het kruis en waarom zonde zo’n serieus probleem is. Niet omdat God afstandelijk regels oplegt, maar omdat Hij heilig is en een relatie met mensen wil.
Aron begon te zien dat Jezus heeft gedaan wat wij niet kunnen. Hij heeft de prijs betaald die mensen zelf nooit kunnen voldoen. Dat inzicht bracht rust. Voor het eerst begreep Aron echt wat genade betekent. Niet leven vanuit eigen goedheid, maar vanuit vertrouwen op Jezus. Hij ontdekte ook dat Gods leefregels niet bedoeld zijn om het leven te beperken, maar om het juist tot bloei te brengen. In het evangelie van Mattheüs, en vooral in de Bergrede, zag hij hoe de woorden van Jezus het leven verdiepen. Niet in eigen kracht, maar door een vernieuwd hart.
Voor Aron betekent Jezus volgen dat elk deel van zijn leven onder Gods leiding mag staan. Niet alleen de zondag, maar alle dagen van de week. Bidden is geen middel om genade te verdienen, maar een manier om in relatie met God te leven. Hij ervaart God niet als een abstract idee, maar als een levende God die trouw blijft, ook wanneer hij tekortschiet. Christen zijn is Jezus volgen op elk vlak van het leven en vertrouwen op Zijn genade. Dat maakt Jezus voor hem niet alleen een Verlosser. "Jezus werd ook mijn rolmodel."
Bekijk het volledige getuigenis en klik hier voor meer video's van ChristenDOM?:







































Praatmee