ChristenUnie-leider Mirjam Bikker kritisch op 13-wekenecho

ChristenUnie-leider Mirjam Bikker maakt zich zorgen over het standaard aanbieden van de 13-wekenecho aan zwangere vrouwen. Naar aanleiding van een kritisch advies van de Gezondheidsraad waarschuwt ze voor toenemende medicalisering van zwangerschappen en de druk die ouders kunnen ervaren wanneer bij hun ongeboren kind een afwijking wordt ontdekt. In een Radio 1-debat met D66-Kamerlid Wieke Paulusma benadrukt Bikker dat ieder kind welkom moet zijn, ook wanneer het extra zorg nodig heeft.
De Gezondheidsraad adviseerde dinsdag 22 september om de 13-wekenecho voorlopig niet structureel in te voeren. Uit onderzoeksgegevens blijkt dat de voordelen van de vroege screening op dit moment niet opwegen tegen de nadelen. De test kan ernstige aangeboren afwijkingen eerder aan het licht brengen, maar leidt ook tot onnodige ongerustheid en vervolgonderzoek.
Sinds 2021 krijgen zwangere vrouwen de echo aangeboden in het kader van de zogenoemde IMITAS-studie. De Gezondheidsraad onderzocht of de screening een vast onderdeel van de zwangerschapszorg zou moeten worden.
Bikker zegt in het radiogesprek dat ze iedere vrouw een onbezorgde zwangerschap gunt. Ze wijst erop dat bij het overgrote deel van de onderzochte zwangerschappen geen afwijkingen worden gevonden, terwijl een deel van de ouders na een verontrustende uitslag uiteindelijk onnodig bezorgd blijkt te zijn geweest. De ChristenUnie-leider vindt daarom dat de overheid kritisch moet kijken naar het standaard aanbieden van extra onderzoeken.
Ze vreest dat steeds meer medische onderzoeken tijdens de zwangerschap de druk op aanstaande ouders vergroten. "Ik denk dat we ervoor moeten waken om alles te medicaliseren en steeds vaker steeds meer testen in te voeren, want dat bezorgt ouders heel veel stress." Daarbij benadrukt Bikker dat de samenleving gezinnen moet ondersteunen wanneer een kind een aangeboren aandoening blijkt te hebben.
Paulusma: ouders hebben recht op informatie
D66-Kamerlid Wieke Paulusma kijkt anders naar het advies. Ze erkent dat onnodige ongerustheid moet worden voorkomen, maar benadrukt de voordelen van vroege informatie. Met de 13-wekenecho kunnen bepaalde ernstige afwijkingen eerder worden ontdekt dan met de gebruikelijke 20-wekenecho. Daardoor krijgen ouders meer tijd voor vervolgonderzoek, gesprekken met zorgverleners en eventuele beslissingen over het verloop van de zwangerschap.
Paulusma vindt dat vrouwen zelf moeten kunnen bepalen of ze van deze mogelijkheid gebruikmaken. Ze steunt daarom het voortzetten van het onderzoek, zodat er meer gegevens beschikbaar komen over de voor- en nadelen. Bikker vindt dat de overheid ook rekening moet houden met de gevolgen die een breed screeningsaanbod voor ouders kan hebben. Ze verwijst daarbij naar het advies van de Gezondheidsraad.
Bikker: "Ik vrees dat we steeds meer naar een samenleving toegaan die maakbaarder is. Ik hoor ouders die moeten uitleggen waarom een kind geboren is. En ik vind gewoon: kinderen zijn welkom. Ze zijn een geschenk." Paulusma benadrukt dat een vroege echo ouders niet verplicht tot een bepaalde beslissing.
Onderzoek wordt voortgezet
Hoewel de Gezondheidsraad voorlopig geen structurele invoering adviseert, blijft de 13-wekenecho voorlopig beschikbaar binnen het wetenschappelijke onderzoek. De huidige onderzoeksvergunning loopt tot 1 januari 2028. Bikker vindt dat de huidige onderzoeksresultaten voldoende aanleiding geven om kritisch naar het screeningsaanbod te kijken. Ze zou het beschikbare geld liever besteden aan andere vormen van ondersteuning.








































Praatmee