Ruim drie jaar burgeroorlog Soedan: Christenen "laatst in rij" voor hulp

Het voortdurende conflict in Soedan heeft geleid tot een van ‘s werelds ergste humanitaire crisissen. Naar schatting zijn tussen de 12 miljoen en 14 miljoen mensen ontheemd geraakt, terwijl ongeveer 20 miljoen mensen (meer dan een derde van de bevolking) ernstige honger lijden. Sinds de gevechten in 2023 begonnen, zijn tussen de 60.000 en 400.000 levens verloren gegaan. Ook christenen in het land worden zwaar getroffen. Bij hulpverlening staan ze vaak achteraan. Dat meldt het Amerikaanse medium CBN.
Het overgrote deel van het lijden treft burgers die klem zitten in de strijd tussen de Soedanese strijdkrachten en de paramilitaire Rapid Support Forces (RSF). Vrouwen en kinderen behoren tot de meest kwetsbare slachtoffers. Ze worden vaak blootgesteld aan seksueel geweld of gerekruteerd als kindsoldaten. Christenen zijn eveneens zwaar getroffen.
Ryan Brown, directeur van Open Doors in de Verenigde Staten, stelt dat christenen "vaak achteraan staan" bij hulpverlening en veilige opvang. Op de Ranglijst Christenvervolging van Open Doors steeg het land dit jaar van de vijfde naar de vierde plek. Volgens Brown vond christenvervolging vroeger vooral plaats in bepaalde landelijke gebieden van Soedan, maar is dat nu "in het hele land het geval". Ook de stedelijke gebieden, waar christenen vroeger juist naartoe vluchtten, zijn niet meer veilig.
Verschillende bronnen melden dat er sinds het begin van de oorlog meer dan 160 kerken zijn beschadigd of verwoest. Kerken worden, net als moskeeën, geplunderd, ingenomen en omgebouwd tot wapenopslagplaatsen of verblijfplaatsen voor gewapende groeperingen.
De Martelaarskerk in Khartoum werd een maand na het uitbreken van de gevechten bestormd door RSF-strijders tijdens een dienst. Diaken Safein Nazer vertelt hoe de daders de deuren forceerden, aanwezigen sloegen, waardevolle spullen plunderden en graven op het kerkterrein opengroeven, op zoek naar goud. Ook werden meisjes uit het kerkelijk weeshuis belaagd. Sommige van hen waren niet ouder dan elf jaar. Nazer probeerde de mannen tegen te houden en werd vervolgens beschoten. Hij werd in zijn been geraakt en overleefde het. "Ze eisten een voertuig van ons omdat ze de weeskinderen wilden ontvoeren", vertelt hij. "Maar Godzijdank startte de auto niet, waardoor ze de meisjes niet konden meenemen.
Zowel de Soedanese militaire strijdkrachten als de RSF zijn beschuldigd van het aanvallen van kerken en inbeslagname van religieuze eigendommen. Soedanese premier Kamil Idris ontkent religieuze intolerantie en benadrukt dat "de kracht van deze natie afhangt van haar diversiteit". Idris poogt internationaal dit beeld te benadrukken, onder meer door een ontmoeting met de paus in het Vaticaan.
Christenen vormen ongeveer vijf procent van de Soedanese bevolking en worden vaak met argwaan bekeken door zowel autoriteiten als de moslimmeerderheid. Ondanks deze uitdagingen zetten christelijke organisaties hun humanitaire werk voort. World Vision heeft sinds het begin van de oorlog bijna vijf miljoen Soedanezen geholpen. Daarbij richten ze zich met name op vrouwen en kinderen.






































Praatmee