Pareltjes van het Pinksterfeest

Het Pinksterfeest vieren we elk jaar op een andere datum. Dat komt omdat Pinksteren altijd vijftig dagen na Pasen wordt gevierd – en de datum van Pasen hangt af van de maanstand: de eerste zondag na de eerste volle maan van de lente. Maar waarom vijftig dagen na Pasen? En gaat het bij Pinksteren alleen om de Heilige Geest of schuilt er meer achter deze feestdag? In dit artikel ontdek je een aantal bijzondere feiten over Pinksteren.
Bijbelse feesten
In Leviticus 23 staan de zeven bijbelse feesten beschreven. Drie van deze feesten zijn pelgrimsfeesten: Pesach, het Wekenfeest en het Loofhuttenfeest. Bij deze (oogst)feesten vraagt God van de Joden om naar Jeruzalem te gaan, feest te vieren met vreugde en niet met lege handen te komen. Het Wekenfeest, in het Hebreeuws sjavoeot, is wat wij Pinksteren noemen.
Vijftig dagen
In Handelingen 2:1 staat: ‘Toen de dag van het Pinksterfeest aanbrak, waren ze allen bij elkaar.’ Het Griekse woord in Handelingen 2 is Pentēkostē (transliteratie), wat letterlijk betekent: vijftigste (dag). Dat is de Griekse naam voor het Joodse Wekenfeest. In het Engels heet Pinksteren overigens Pentecost, wat dus heel dicht bij de Griekse oorsprong ligt.
Allemaal bijeen
Het is dus heel logisch dat er, behalve de discipelen, ook vele anderstalige mensen in Jeruzalem waren. Dit waren Joden uit andere gebieden en landen die naar Jeruzalem waren gekomen vanwege het Wekenfeest. Het zal druk zijn geweest! Dus op het moment dat de Heilige Geest als ‘vlammetjes’ neerdaalde op de discipelen en zij in allerlei talen begonnen te spreken over Gods grote daden, werd dat door vele, vele mensen verstaan. Zij hoorden hun eigen taal. Deze Joden namen deze bijzondere gebeurtenis allemaal mee naar huis toen zij na het feest Jeruzalem verlieten.
Pinksteren: agrarisch, historisch en religieus
Blijkbaar is de dag die in Handelingen 2 beschreven staat als het Pinksterfeest, niet toevallig gekozen door God om de Heilige Geest te geven. Het was allereerst een belangrijk oogstfeest, zoals beschreven in Leviticus 23. De mensen dankten God voor de eerste tarweoogst. Het was tegelijk een belangrijk historisch feest, want op de vijftigste dag na de uittocht uit Egypte gaf God zijn Thora, de instructie voor de aardse levensreis. En het feest heeft een religieuze betekenis, want bij de berg Sinaï sloot God op deze dag een verbond met het volk Israël (zie Exodus 34).
Parallellen met de christelijke kerk
Deze drie invalshoeken – agrarisch, historisch en religieus – hebben een parallel voor ons gelovigen, de gemeente van Christus.
Agrarisch: feest van de eerste tarweoogst & feest van de eerstelingen in de gemeente: de eerste ‘christenen’ in de kerk.
Historisch: feest van de wetgeving, de stenen tafelen die Mozes meebracht van de berg & de wet die komt in het hart van de gelovige (meer uitleg onder ‘Eerst Pasen, dan Pinksteren’).
Religieus: het Verbond met Israël op de Sinaï & het Verbond dat openstaat voor alle volken. Gods Verbond op de Sinaï was bestemd voor het volk Israël, maar aan dit nieuwe Verbond mogen álle mensen deelnemen. Let wel: niet de kerk in plaats van Israël, maar Israël en de kerk samen.
Eerst Pasen, dan Pinksteren
In het Oude Testament zijn Pesach en het Wekenfeest dus duidelijk met elkaar verbonden: vijftig dagen na de bevrijding uit Egypte volgde de Wet: het Joodse volk ontving de leefregels van God. Ook wij mogen op deze manier naar een verbinding tussen Pasen en Pinksteren kijken: na onze bevrijding van de dood (door de opstanding van Jezus) hebben ook wij de leefregels van God nodig. Niet dat de wet ons redding biedt, maar we verbinden vrijheid aan Gods regels, waarbij de Heilige Geest ons leidt. Denk hierbij ook eens aan de Bergrede en de vrucht van de Heilige Geest (Galaten 5).
Een omgekeerd Babel
In het Pinksterfeest kun je ook een verbinding zien met de toren van Babel. In Genesis 11 staat dat de mensen tot de hemel wilden reiken en een gigantische toren bouwden. God stak hier een stokje voor: ze gingen andere talen spreken, zodat ze niet meer konden samenwerken. Met Pinksteren gebeurde het omgekeerde: mensen hoeven niet zelf naar de hemel te klimmen, God komt naar beneden. En de mensen raken niet verdeeld door taal, maar God schept een nieuwe eenheid: de gemeente.
Na de zomer volgt de regen
Terug naar Leviticus 23. De opsomming van Gods feesten begint met de vier voorjaarsfeesten (Pesach, Ongezuurde broden, Eerstelingen en het Wekenfeest). Deze feesten hebben allemaal een bijzonder vervolg gekregen door Jezus Christus (zijn kruisiging, graflegging, opstanding en de komst van de Heilige Geest). Het gebeurde allemaal precies op deze feestdagen. Dat is geen toeval, dat is een perfect staaltje programmering van God!
Na het Wekenfeest volgt de zomer. Een periode zonder feesten en in Israël een periode dat er nauwelijks regen valt. Het is droog. We kijken uit naar de regen, naar de najaarsfeesten (het Bazuinfeest, Grote Verzoendag (Jom Kipoer) en het Loofhuttenfeest (Soekot)). Nu we weten dat de voorjaarsfeesten op een bijzondere manier vervuld zijn door Jezus, mogen we dat ook van de najaarsfeesten verwachten, zoals de tweede komst van Jezus naar de aarde en de start van het Duizendjarig Vrederijk.
Onze toekomst
Door Pinksteren in het geheel van Gods feestdagen te zien, is Pinksteren niet meer alleen ‘slechts’ Pinksteren. Het is geen verdwaalde feestdag die we nu eenmaal vieren. Ja, we weten dat op die dag de Heilige Geest aan ons gegeven werd (onder andere als gids). Maar de gekozen dag was niet toevallig, het was onderdeel van Gods grote plan. Samen met de Heilige Geest gaan we die droge zomer in, uitkijkend naar de najaarsfeesten die God ook op een bijzondere manier zal vervullen in Jezus.
Weetje! Glossolalie
Glossolalie betekent tongentaal. Het komt van het Griekse glossa (taal/tong) en lalein (spreken). Het Griekse woord dat in Handelingen met ‘vreemde talen’ is vertaald, komt van het woord glossa. Je zou dus kunnen zeggen dat de discipelen ‘met andere tongen’ begonnen te spreken. In het pinksterverhaal houdt deze ‘tongentaal’ in dat de leerlingen door de Geest in andere talen spraken die voor mensen te verstaan waren.
Weetje! Pinkstergemeenten
Een bekende stroming in Nederland is de pinksterbeweging. Deze ontstond eind negentiende eeuw, toen gelovigen steeds meer nadruk gingen leggen op persoonlijke bekering en directe ervaring met God. In de Verenigde Staten groeide het geloof dat de doop met de Heilige Geest herkenbaar moest zijn aan het spreken in tongen (zoals in Handelingen 2). De echte doorbraak kwam in 1906 in Los Angeles, bij de zogeheten Azusa Street Revival. Hier kwamen mensen van alle rassen en sociale lagen samen, wat destijds heel bijzonder was. In 1907 vestigde zich in Amsterdam de eerste pinkstergemeente.
Weetje! Tweede Pinksterdag
In Nederland kennen we ook Tweede Pinksterdag. Deze feestdag komt niet uit de Bijbel, maar is ontstaan in de middeleeuwen. De katholieke kerk stelde het gebruik van ‘octaven’ in: een achtdaagse periode (octo is acht in het Latijn), waarbij de eerste twee dagen officiële feestdagen waren. Met de Zondagswet in 1815 werd ook juridisch vastgelegd dat Eerste Pinksterdag een dag was waarop niet gewerkt hoefde te worden. Omdat pinksterzondag nu een vrije dag was, ontstond de praktijk van een ‘tweede dag’: de maandag na pinksterzondag. Dit sloot aan bij katholieke en protestantse tradities van octaafdagen en verlengde vieringen.
Weetje! Sivan, mei of juni?
Op onze gregoriaanse kalender valt Pinksteren altijd op een andere dag: op z’n vroegst op 10 en 11 mei en op z’n laatst op 13 en 14 juni. Volgens de Joodse kalender vindt het Wekenfeest altijd plaats in de derde maand van het (burgerlijk) jaar: de maand Sivan.
Weetje! Een stralend feest
Voor Nederlanders is Pinksteren ook letterlijk een stralend feest: de tijd rond Pinksteren is gemiddeld de zonnigste periode van het jaar, met temperaturen tussen de 15 en 20 graden. Natuurlijk hebben juli en augustus ook veel zonuren, maar doordat er dan meer stapelwolken landinwaarts zijn, is er toch minder zon dan in het voorjaar.





































Praatmee