SGP stelt Kamervragen over Hamas-steun op Dam tijdens herdenking 7 oktober

SGP-Kamerlid Diederik van Dijk wil opheldering van de minister van Justitie en Veiligheid over een pro-Palestijnse demonstratie op de Dam in Amsterdam. Tijdens de herdenking van de terreuraanslagen van Hamas op 7 oktober 2023 werd daar een spandoek met de tekst ‘We support Hamas’ getoond.
Op dinsdag 7 oktober, precies drie jaar na de Hamas-aanvallen op Israël, verzamelden zich enkele honderden pro-Palestijnse demonstranten op de Dam. Daar werden leuzen ter ondersteuning van Hamas geroepen en was een vlag van het Volksfront voor de Bevrijding van Palestina (PFLP) te zien. Ook werd pal voor het Nationaal Monument een spandoek met de tekst ‘We support Hamas’ omhooggehouden.
Tijdens de betoging ontstond commotie toen een man met een kritisch protestbord bij de demonstranten ging staan. Hij werd uitgescholden, waarna agenten tussenbeide kwamen. De man werd uiteindelijk onder politiebegeleiding van de Dam gehaald. Later trok de groep richting het Amsterdamse stadhuis. Onderweg werd vuurwerk afgestoken en liep de spanning op. Burgemeester Femke Halsema besloot daarop de demonstratie te ontbinden. De politie droeg de overgebleven betogers op het gebied te verlaten.
‘Waarom niet eerder ingegrepen?’
Van Dijk stelt veertien schriftelijke vragen aan de minister. Hij wil onder meer weten waarom de demonstratie pas na enkele uren werd beëindigd, hoeveel mensen zijn aangehouden en wat er is gebeurd met de vlaggen en spandoeken waarop terroristische organisaties werden gesteund. Ook vraagt het SGP-Kamerlid of de autoriteiten voldoende mogelijkheden hebben om op te treden tegen demonstranten die terroristisch geweld verheerlijken.
De politicus verwijst daarbij naar artikelen 140 en 140a van het Wetboek van Strafrecht, die betrekking hebben op deelname aan criminele en terroristische organisaties. Hij vraagt of het openlijk uitspreken van steun aan Hamas onder deze bepalingen kan vallen.
Reactie Halsema
Burgemeester Halsema veroordeelde de steunbetuigingen aan Hamas. 'Met grote afschuw hebben ook wij gezien hoe voor het monument op 7 oktober Hamas werd gesteund en demonstranten de demonstratievrijheid gebruikten voor verschrikkelijke uitingen', verklaarde zij mede namens de politiechef en de hoofdofficier van justitie.
De burgemeester noemde de gebeurtenissen 'shockerend en onsmakelijk', maar stelde dat de uitingen op zichzelf niet strafbaar waren. Daardoor kon de politie daar niet direct tegen optreden. Van Dijk zet vraagtekens bij die uitleg. Hij wil van de minister weten of het tonen van terreurvlaggen en het uitspreken van steun aan terroristische organisaties niet alsnog aanleiding kan zijn voor strafrechtelijk ingrijpen.
Zorgen over veiligheid Joodse gemeenschap
Het SGP-Kamerlid vraagt daarnaast aandacht voor de gevolgen van dergelijke demonstraties voor Joodse Nederlanders. Hij wil weten of de minister begrijpt dat openlijke steun aan Hamas op de herdenkingsdag gevoelens van onveiligheid kan versterken.
Ook vraagt Van Dijk of personen die herhaaldelijk met vlaggen van terroristische organisaties demonstreren, bekend zijn bij de veiligheidsdiensten en of hun de toegang tot gevoelige locaties kan worden ontzegd. De SGP wil dat de minister de veertien vragen zo spoedig mogelijk beantwoordt, bij voorkeur vóór het commissiedebat over terrorisme en extremisme.










































Praatmee