Therapeut over dreigende scheiding: ‘Acceptatie is iets anders dan instemming’

Wat kun je doen wanneer een christelijk huwelijk ondanks gebed en intensieve therapie toch dreigt te stranden? Die vraag wordt op Refoweb voorgelegd aan psychosociaal therapeut Jantine Stam-van de Beek. Zij benadrukt dat omstanders een huwelijk niet kunnen redden wanneer een van de echtgenoten niet verder wil.
De vraagsteller vertelt over een echtpaar dat al bijna een jaar intensieve huwelijks- en individuele therapie volgt. De vrouw wil voor haar huwelijk blijven vechten, terwijl haar man vanwege wrok, bitterheid en psychische problemen aangeeft te willen stoppen. Inmiddels gaan beiden tijdelijk apart wonen. Ook vanuit de kerkelijke gemeente wordt al langere tijd voor herstel gebeden.
Stam-van de Beek begrijpt het verlangen om het huwelijk te behouden, maar wijst op de grenzen van wat anderen kunnen doen. 'Het is de realiteit, dat de keuze om dit huwelijk wel of niet in stand te houden niet bij jou ligt. Die ligt bij de beide echtgenoten. Geen mens kan er iets aan veranderen als hij deze keuze wil maken of zich daartoe genoodzaakt voelt. En ook niemand anders is daar verantwoordelijk voor.'
De therapeut merkt op dat een sterke wens tot herstel ertoe kan leiden dat iemand verantwoordelijkheid voelt voor de afloop. Daardoor kan het moeilijk zijn de mogelijkheid van een scheiding onder ogen te zien. 'Misschien voelt accepteren van zijn wens om te scheiden wel hetzelfde als de hoop opgeven', schrijft Stam-van de Beek. Toch maakt ze onderscheid: 'Acceptatie is iets anders dan instemming. Je kunt erkennen: dit is wat er nu gebeurt en ik heb hier geen volledige controle over. Zonder te zeggen: ik vind het goed en ik wil dat het zo blijft.'
In plaats van voortdurend te zoeken naar een manier om het huwelijk alsnog te redden, kan de vraag daarom veranderen in hoe iemand steun kan bieden wanneer herstel uitblijft. 'Vaak is daar veel behoefte aan, gezien een echtscheiding gepaard gaat met veel verliezen.'
Gebed en gebrokenheid
Ook het uitblijven van een antwoord op gebed kan geloofsvragen oproepen. De vraagsteller schrijft immers al bijna een jaar voor het huwelijk te bidden. Stam-van de Beek adviseert die teleurstelling niet weg te drukken, maar bij God te brengen. 'Het Evangelie zegt juist: kom met je onvervulde gebed, teleurstelling, verdriet, vragen.'
Daarbij kan ook het gebed een andere gerichtheid krijgen: van het zoeken naar een oplossing naar het zoeken van God te midden van wat gebroken blijft. 'De Bijbel tekent de Heere Jezus niet allereerst als Degene die alles onmiddellijk repareert, maar als Degene die aanwezig blijft ín de gebrokenheid, haar draagt, erdoorheen gaat en uiteindelijk belooft haar definitief te overwinnen.'









































Praatmee