Mensenrechtenprijs voor zendelingen die vastzitten in Noord-Koreaans kamp

Drie Zuid-Koreaanse zendelingen die al meer dan tien jaar vastzitten in Noord-Korea, ontvangen in augustus de Graciela Fernandez Meijide Mensenrechtenprijs. Het gaat om Choi Chun-gil, Kim Jong-Uk en Kim Kuk-gi. Dat meldt International Christian Concern, een waakhond op het gebied van christenvervolging.
De 62-jarige zendeling Kim Jong-Uk diende Noord-Koreaanse vluchtelingen in China. De autoriteiten arresteerden hem in 2013 nadat hij Noord-Korea binnenging met Bijbels. Pastor Kim Kuk-gi, 72 jaar oud, bood hulp aan Noord-Koreaanse overlopers in China. Hij werd in oktober 2014 gearresteerd en beschuldigd van spionage en het verspreiden van religieuze propaganda. Zendeling Choi Chun-gil (70) werd in december 2014 opgepakt wegens het transporteren van religieuze en humanitaire goederen naar Noord-Koreanen. Ook hem beschuldigden de autoriteiten van spionage.
Noord-Korea veroordeelde de drie mannen tot levenslange gevangenisstraffen in een strafkamp. Hoewel de Zuid-Koreaanse regering meermaals om hun vrijlating heeft gevraagd, zitten de zendelingen nog steeds vast.
De drie kunnen de prijs dus niet zelf in ontvangst nemen. De Graciela Fernandez Mejide Mensenrechtenprijs wordt uitgereikt aan personen die vastzitten onder totalitaire regimes. De prijs is vernoemd naar de Argentijnse mensenrechtenactiviste Graciela Fernández Meijide
Noord-Korea wordt al jaren gezien als het land waar christenen het zwaarst vervolgd worden. Volgens analisten verblijven op dit moment meer dan 30.000 christenen in strafkampen. Vele tienduizenden christenen zijn inmiddels gedood of verbannen. Er is in het land sprake van uithongering, marteling en executies van christenen.
Volgens SDOK zijn er twee soorten concentratiekampen in Noord-Korea: kampen met dwangarbeid en kampen voor gevangen die verdacht worden van ernstige misdaden. Veel christenen worden naar die laatste gebracht. In deze zogeheten Kwanliso-kampen zijn gevangenen vaak opgesloten in kooien, net als dieren. Ze worden gedwongen om uren te staan in onmenselijke houdingen en geslagen totdat ze bloed braken en krijgen geen eten. Zo’n veertig procent sterft door ondervoeding. Anderen overleven door ratten te eten. Familieleden van gevangenen worden vaak ook vastgezet, omdat ze al als schuldig worden beschouwd vanwege hun familieband.
Ondanks de zware vervolging blijft de kerk in Noord-Korea groeien, zo beaamde ook auteur Jan Vermeer in gesprek met Cvandaag. “De Noord-Koreaanse kerk is als een mosterzaadje dat uitgroeide tot een grote struik, die vervolgens flink is gesnoeid, maar nu weer aan het groeien is. Het koninkrijk van God verspreidt zich in Noord-Korea.”







































Praatmee