Lin Button voelt zich de oudste zoon: "Een leugen waarvan God ons wil bevrijden"

“Veel christenen zijn erg plichtsgetrouw en doen goede dingen voor God. Maar een intieme relatie met Hem missen ze.” Auteur en counselor Lin Button leidt aanstaand weekend de TPZ-conferentie in Houten en worstelde er ook zelf mee. “Ik dacht dat ik het werk van het Koninkrijk mocht doen, maar begreep het idee van een relatie met God niet.”
“Ik was 29 jaar toen ik christen werd en kwam uit een seculiere omgeving”, vertelt Button, die een counseling- en gebedspraktijk in Londen heeft. “Mijn ontmoeting met de Heilige Geest was erg krachtig en ik had veel van zijn gaven, maar ik was van binnen niet genezen.”
Een voorbeeld? “Mijn vader was een emotioneel afwezige man en gaf mij maar weinig aandacht. Hij was erg druk met zijn werk en sport. Ik dacht dat God, hoewel ik bekeerd was, ook maar weinig in mij geïnteresseerd was. In ieder geval zou Hij niet tot mij spreken. Ik dacht dat ik het werk van het Koninkrijk mocht doen, maar begreep het idee van een relatie met God niet.”
Plichtsgetrouwe christenen
Het laat zien dat elke christen, of het nu bewust of onbewust is, God kleurt door zijn eigen ervaring met prominente mannelijke persoonlijkheden, zegt Button. “Vaak zijn dat onze vaders. Veel christenen zijn erg plichtsgetrouw en doen dingen voor God die goed zijn. Maar diep weten dat God in jou geïnteresseerd is en van je houdt, is niet ieders ervaring.”
De mensen die ons vormden en de ervaringen die we hadden, zorgen ervoor dat we leugens gaan geloven. Button: “Leugens over onszelf, over de wereld of over God. Als we bijvoorbeeld slecht behandeld zijn, geloven we al snel de leugen dat er iets mis met ons is. Terwijl we genezing nodig hebben.”
Een intieme relatie met God hebben is genezend voor de ziel, zegt de spreker, al voel je God ook dan niet elk moment of elke dag. “Onze gevoelens zijn als kinderen. Ze moeten gehoord worden, ze moeten gevoed worden, maar moeten ook worden opgevoed. We moeten ook niet door ze gedefinieerd worden.”
“Omdat ik de aanwezigheid van God niet altijd voel, betekent het niet dat God niet bestaat”, legt Button uit. “Maar je moet daar geen vrede mee hebben. Denk niet: dat is geloof. Nee, God gaf ons gevoelens niet voor niets. Hij wil dat ze geheeld en gehoord worden.”
Klein groepje
De eerste stappen die de schrijver zette om een levende relatie met God vorm te geven was door regelmatig met twee andere vrouwen samen te komen. “Het was met een klein groepje, met wie we God vroegen om ons te leren Hem te verstaan. We vroegen God twee jaar lang met elkaar om erbij te zijn en aanbeden Hem samen.”
Zo ontving Button zelf genezing. “We vroegen om vergeving van zonde, al wist ik in die tijd niet wat dat was. Ik kende het begrip schuldbelijdenis al helemaal niet. Maar we waren samen, baden, vroegen God om te komen en ervaarden Zijn heiligheid. Dan zeg je dingen als: ‘Het spijt mij dat ik gisteren tegen mijn moeder loog.’ Op die manier kwam er langzaam genezing. De vrouwen kenden mij na die twee jaar beter dan ik mijzelf kende. Toch hielden ze van mij.”
Genezing afdwingen
Toch kan je die genezing niet afdwingen: het komt van God. “We moeten wel proberen en meewerken”, zegt de auteur. “Maar ik denk dat we meewerken door ons te laten liefhebben. Het christendom is geen zelfverbeteringsprogramma. Dat dacht ik eerst wel: ik moet nu de Bijbel lezen, op alles ‘ja’ zeggen in de kerk. Maar we moeten Hem de zaken laten aandragen waarvan we moeten genezen, moeten veranderen of getransformeerd.”
Veel doen in de kerk is niet fout, maar dat met de verkeerde intentie doen wel, zegt Button. “Ik ben redelijk getalenteerd en heb veel gaven van de Geest gekregen. Dat vindt de kerk geweldig, omdat je zoveel kunt. Ja, zei ik: ik kan leidinggeven aan de zondagsschool. Ja, ik kan de huwelijkscatechese geven. Maar mijn motivatie was dat ik wilde dat mensen mij leuk vinden. Ten diepste wilde ik Gods goedkeuring door mensen heen. Dat is natuurlijk onzin: Hij houdt toch wel van ons.”
Oudste en jongste zoon
Buttons zus was vaak ziek en kreeg veel aandacht van haar ouders. Toen ze tiener werd trok ze de wereld in, en was ze ook de persoon waar haar ouders op gericht waren. Het maakte dat Button zich niet gezien voelde. “Tot ik op mijn veertiende op school zat en het verhaal van de verloren zoon werd voorgelezen. Ik identificeerde mij direct met de oudste zoon, die altijd bij de vader gebleven was. Hoe oneerlijk. Als dit is hoe God is, wil ik dat niet weten, dacht ze.
“Toen ik christen werd, was ik nog steeds de oudste zoon. Toen ik veel in de kerk deed, voelde ik mij dat nog steeds. Het veranderde niet. En na 30 jaar moet ik daar nog steeds mee leren leven. Er is nog steeds werk te doen.’
Het is een van de leugens die we ons als mensen voorhouden, zegt ze. Een leugen waarvan God ons wil bevrijden. “Jezus zegt: ik kom om de gevangenen vrij te zetten. Het is een strijd tussen licht en duisternis, tussen God en de vijand. Maar we mogen de Heilige Geest vragen om in waarheid te komen en de leugens te ontmaskeren. Dan kunnen we die gevangenis uit.”



































Praatmee