Ik besef nu nog veel meer waarvoor en voor wie ik als christen leef
We zijn zondag weer samen naar de kerk geweest. Ik was de schuldige dat we een paar weken niet waren gegaan.
Mijn vrouw Ees wilde graag maar ik zag het niet zitten.
De chemo maakt me meer emotioneel dan vroeger. Mijn lontje is ook korter. Ik moet leren om nog meer geduldig te zijn. Tijd te nemen ook voor de ander. Nu waren dat tot nu toe al niet mijn sterkste kanten.
Inmiddels komt er nu een nieuwe taak bij.
Ik wil je daar graag van vertellen.
Ik wil nog meer leren geloven voor de ander.
Ees kan de preken niet meer onthouden. Wat in een dienst gezegd is, is zij na de dienst kwijt. En dat terwijl andere dingen zoveel indruk op haar maken dat ze er de hele zondag over begint. Zondag had de dominee geen pak aan. En dat is niet de eerste keer. Ees kan er maar niet aan wennen. āHij ziet er niet uitā, zegt ze dan. Een dominee hoort een pak aan te hebben. Het liefst een donker pak.
Maar dat is het moeilijkste niet.
Veel moeilijker is het te ontdekken dat het je taak en roeping wordt ook te bidden namens die ander. Nog sterker, te geloven voor de ander.
We zijn in ons huwelijk gewend om als we gingen bidden, samen alle dingen, goede en verkeerde dingen concreet te benoemen. Dat deden we elke dag. En als het kon vertelden we de actuele situatie in ons gebed aan God. Als het beter ging, maar ook als er meer zorgen waren.
Boven onze gebeden stond een datum.
Zo bidden wordt steeds moeilijker. Ees kan de dingen die zij hoort niet meer opslaan. Het gesprek van gisteren, dus ook het gesprek met God is als een werkstuk op je laptop dat je vergeten bent te āsavenā. Het is weg, je bent het kwijt. Daarom weet je de preek niet meer. Je weet wel dat we gezongen hebben, maar niet wat. Je weet ook heel goed dat we altijd bidden. Maar niet wat we gebeden hebben.
Concreet de situatie van elke dag aan God voorleggen maakt haar onrustig. Opnieuw moet je uitleggen wat er aan de hand is.
De oplossing ligt eigenlijk voor de hand.
Bidden kan en mag je ook doen namens een ander, ja zelfs voor de ander.
Maar, zo wordt ons gezamenlijk gebed algemener.
We bidden nu vooral in het algemeen bijvoorbeeld voor āzieke mensenā, en āmensen die het moeilijk hebbenā. Voor ādingen die we fout hebben gedaanā, en niet voor dat en dat.
Ik besef nu meer dan ooit dat het ooit nog een stap verder kan gaan.
De stap van bidden voor de ander, naar geloven voor de ander.
Een nieuwe taak.
En, je leest daarvan ook in de Bijbel:
De vier vrienden brachten hun zieke vriend bij Jezus. Er staat dat Jezus hun geloof zag. Die zieke vriend kan helemaal niet geloofd hebben, maar de vrienden namen hem mee. Nog duidelijker is het voorbeeld van de hoofdman over honderd. Hij was op weg gegaan naar Jezus voor zijn knecht. Het kan heel goed zijn dat de hoofdman uit eigen beweging op reis was gegaan.
Van bidden voor een ander naar geloven voor een ander.
Die toekomstige fase zet me steeds aan het denken.
Geloven is heel persoonlijk, maar doe je ook weer niet in je eentje.
Geloven is ook van betekenis voor de kring van mensen die bij je horen.
Overigens, niet geloven ook. Maar uiteraard dan negatief.
Het bestaan van tien rechtvaardigen zou ervoor hebben āgezorgdā dat Sodom niet was verwoest.
En dan ook de keerzijde: niet geloven. Achan die stal van de buit van Jericho stortte niet alleen zichzelf maar zijn hele gezin in de ellende.
Van bidden naar geloven voor de ander.
Dat kan ook voor die ander, ook al gelooft hij of zij niet, tot geweldige zegen zijn.
Zoals gezegd: tien rechtvaardigen werd niet alleen het gezin van Lot, maar zou ook de bevolking van Sodom hebben gespaard.
Die gedachte geeft mij nieuw elan. Bidden, maar ook geloven niet alleen voor de situatie van ons tweeƫn maar voor ons hele gezin, voor kinderen en kleinkinderen.
Ik doe nog een stapje verder: ook voor de samenleving.
Wat is het een zegen als je vader of moeder, de opa of oma geloven.
Hun geloof is van betekenis voor de familie.
Wat is het een zegen als in je omgeving christenen wonen.
Wat kunnen zij van grote betekenis zijn.
Natuurlijk ontslaat ons dat de mensen niet van hun eigen verantwoordelijkheid.
Maar waarom geloven mensen soms niet? Waarom gaan mensen niet meer naar de kerk?
Maar de situatie in het leven kan heel zwaar zijn. Voor oude maar ook voor jonge mensen.
Als zij niet kunnen bidden, bidden wij namens hen maar ook voor hen.
Geloven als een bron van kracht, van zegen, van liefde en van geloof, van gebed niet alleen voor jezelf maar ook voor de ander.
Ik besef nog veel meer waarvoor en voor wie ik als christen leef.
De mensen om me heen, mogen rekenen op mijn gebed.
Deze overdenking verscheen eerder op de Facebookpagina van ds. Arie van der Veer.
Praatmee