Carlos werd als peuter achtergelaten in Peru, nu helpt hij er zelf kinderen: "God leidde mijn weg"

Als peuter werd Carlos van de Kamp achtergelaten in een bus in Peru en later geadopteerd door Nederlandse ouders. Na zijn havo keerde hij terug naar zijn geboorteland, in de eerste instantie om er rond te reizen en zijn familie te zoeken. Inmiddels woont hij er al jaren en bereikt stichting Pan de Vida, die hij samen met zijn vrouw Mariela opbouwde, zo'n drieduizend kinderen. Eén ontmoeting met een straatkind werd bepalend voor hun werk. Bijna twintig jaar later raakt het Carlos nog altijd diep. "Het was een heilig moment," zegt hij daarover.
Veel weet Carlos niet over het begin van zijn leven. Uit zijn adoptiepapieren blijkt dat hij als klein kind door een vrouw werd achtergelaten in een bus. Waarschijnlijk was het zijn biologische moeder, maar zeker weet hij dat niet. Mensen vonden hem, schakelden de politie in en zo kwam hij na een half jaar ziekenhuis vanwege ondervoeding, in een kindertehuis terecht. Uiteindelijk werd hij geadopteerd door Nederlandse ouders.
Als kind stond Carlos daar nauwelijks bij stil. Dat veranderde in zijn tienerjaren. "Je wordt je er steeds meer van bewust: ik kom uit een ander land. Ik heb daar waarschijnlijk familie, ouders, broers en zussen die ik niet ken." De nieuwsgierigheid naar Peru groeide en na zijn havo-examen kreeg hij de kans om met iemand uit zijn kerkelijke gemeente naar zijn geboorteland te reizen.
Eigenlijk zou Carlos daarna in Nederland verder studeren. "Ik was al bezig met de vraag wat ik zou gaan doen als ik terugkwam." Maar de reis naar Peru maakte zoveel indruk dat zijn leven een andere richting nam. Hij pendelde ongeveer twee jaar tussen Nederland en Zuid-Amerika en zag uiteindelijk af van een vervolgstudie.
Achteraf Gods leiding
Carlos groeide op met het christelijk geloof. Zijn vader was voorganger en hij ging mee naar kerkdiensten, tieneravonden en kampen. Toch was het geloof lange tijd niet werkelijk van hemzelf. Zijn adoptiegeschiedenis speelde daar volgens hem ook een rol in. "Ik was best wel gesloten voor het geloof."
Na zijn eerste reis naar Peru veranderde dat. "Toen ging mijn hart ook daarvoor open." Pas later herkende hij daarin Gods leiding. "Achteraf kun je zeggen: dit was echt van God. Ik had dit helemaal niet bedacht." De keuzes die volgden waren radicaal. Zelf zegt hij daar nu met enige relativering naar te kijken. "Mijn eigen kinderen zou ik niet zonder meer adviseren om op jonge leeftijd hun studie te laten schieten en naar de andere kant van de wereld te vertrekken", zegt hij met een knipoog.
In Peru ging Carlos ook op zoek naar zijn biologische familie. Samen met Mariela, een Peruaanse die hij inmiddels had leren kennen en met wie hij later trouwde, deed hij verschillende pogingen. "Veel aanknopingspunten waren er niet. Namen ontbraken en documenten uit die tijd bleken nauwelijks meer te achterhalen. Inmiddels ben ik gestopt met de zoektocht. Voor mij is het echt een gesloten hoofdstuk."
Zijn adoptie blijft niettemin onderdeel van wie hij is. Carlos beseft hoe anders zijn eigen leven had kunnen verlopen. "Ik ben er heel dankbaar voor, want ik weet van zoveel kinderen die het heel anders hebben. Ik denk dat het voor mij ook een motivatie is om hier zeker nog niet mee te stoppen."
Het jongetje met de snoepjes
Carlos en Mariela ontdekten al vroeg dat ze hetzelfde verlangen hadden: zich inzetten voor kinderen die in moeilijke omstandigheden opgroeien. Ze verhuisden naar Arequipa in het zuiden van Peru, ver weg van hun beide families. Daar wilden ze uiteindelijk met hun missie beginnen. Financieel was het zwaar en aanvankelijk kwamen hun plannen nauwelijks van de grond. Maar nog voordat Pan de Vida officieel bestond, gebeurde er iets wat voor hen een bevestiging werd van de weg die ze waren ingeslagen.
Carlos en Mariela liepen op een avond door het centrum van Arequipa. Het was rond negen uur, de winkels begonnen te sluiten en er kwamen steeds minder mensen op straat. Tussen hen zag Carlos een jongetje met een hoedje. "Je kon gewoon aan zijn gezicht zien dat hij heel erg bang was voor iets."
Omdat Carlos destijds nog niet goed Spaans sprak, vroeg hij Mariela om met het kind te praten. "Het jongetje stond op het punt in huilen uit te barsten. Hij liep met een zak snoepjes over straat die hij moest verkopen. Die avond moest hij twintig soles verdienen, omgerekend ongeveer vijf euro. Dat was hem niet gelukt. 'Als ik nu naar huis ga, krijg ik een pak slaag', vertelde het kind."
Bijna twintig jaar later stokt Carlos' stem wanneer hij het verhaal opnieuw vertelt. Hij probeert verder te praten, maar moet even stoppen. "Sorry hoor", zegt hij geëmotioneerd. Even later: "Dan komen die gevoelens weer." Het verrast hem ergens zelf. "Ik ben helemaal niet emotioneel. Ik ben best wel een persoon van rechttoe rechtaan en laat niet heel veel van mijn emoties zien, maar zodra het over kinderen gaat, dan is dat alles."
Carlos en Mariela hielpen het jongetje. Ze zorgden dat hij het bedrag kreeg dat hij die avond moest verdienen en kochten eten voor hem om mee te nemen. Ook vroegen ze hem de volgende dag terug te komen. Ze zouden hem daarna nog één keer zien. Vervolgens verdween hij uit hun leven. Wat er van hem geworden is, weet Carlos niet. Toch is juist dat ene kind hem altijd bijgebleven. Straatkinderen waren ook toen geen onbekend verschijnsel in Arequipa, maar deze jongen viel hem onmiddellijk op. "Hij sprong er echt uit."
Carlos zoekt even naar woorden voor wat er die avond gebeurde. Uiteindelijk noemt hij het "een soort heilig moment". "Ik en Mariela ervoeren dezelfde pijn om het kind.. Toen wisten we gewoon: dit is van God." De ontmoeting werd een bevestiging van hun roeping. "We beseften: dit is een goede keuze om ons hiervoor in te zetten."
Brood dat leven geeft
In 2006 begonnen Carlos en Mariela met het werk dat later Pan de Vida zou worden. Aanvankelijk stuurden mensen vanuit Nederland geld waarmee zij eten kochten en uitdeelden aan kinderen. Inmiddels ondersteunt de stichting vanuit Arequipa rond de veertig projecten en worden ongeveer drieduizend kinderen bereikt.
De naam Pan de Vida betekent 'Brood des Levens', of zoals Carlos het omschrijft: brood dat leven geeft. Dat heeft bewust een dubbele betekenis. "Het fysieke is natuurlijk het brood. We delen ook letterlijk brood uit, maar het slaat natuurlijk ook op het geestelijke." De kinderrestaurants vormen nog altijd de hoofdactiviteit. Daarbij werkt Pan de Vida samen met lokale kerken. Vrijwilligers uit die gemeenten dragen de projecten, waardoor donaties rechtstreeks aan de hulp kunnen worden besteed.
Alleen een maaltijd uitdelen is volgens Carlos echter niet genoeg. In de afgelopen jaren heeft hij gezien hoe complex armoede is. "Kinderen groeien op in gezinnen met weinig financiële mogelijkheden, krijgen minder kansen op goed onderwijs en dreigen vervolgens als volwassenen in dezelfde situatie terecht te komen. Het brood is meer een middel om in de eerste nood te voorzien."
Daarom probeert Pan de Vida kinderen ook perspectief voor de langere termijn te geven. Carlos vertelt: "Er zijn onder meer Engelse lessen en studiebeurzen. Op dit moment worden zeven studenten financieel ondersteund tijdens hun vijfjarige studie. Tientallen jongeren konden in de afgelopen jaren met hulp van de stichting studeren, terwijl niet hun capaciteiten, maar het gebrek aan geld hen anders in de weg had gestaan. Dat zijn projecten die lang duren, maar het maakt echt een groot verschil." Pan de Vida kijkt daarom naar mogelijkheden om kinderen al op jongere leeftijd te begeleiden en de ondersteuning na hun tijd bij een kinderrestaurant minder abrupt te laten stoppen.
Kinderen brengen ouders naar de kerk
De samenwerking met lokale kerken levert soms ontwikkelingen op die Carlos vooraf niet had kunnen bedenken. Bij een van de kinderrestaurants werden tijdens de Peruaanse zomervakantie gratis muzieklessen aangeboden. Daaruit ontstond een muziekgroep met voornamelijk meisjes van vijftien en zestien jaar.
"Aanvankelijk waren ze onzeker en zenuwachtig. Inmiddels verzorgen ze wekelijks de muziek tijdens de kerkdienst. Hun ouders, van wie sommigen zelf niet naar de kerk gingen, kwamen kijken omdat hun dochter ‘optrad.’ Daarna kwamen andere familieleden mee. Een aantal van hen bleef komen en werd uiteindelijk onderdeel van de gemeente." Het laat volgens Carlos ook zien dat verandering tijd nodig heeft. "Er zijn heel veel resultaten. Maar het kost allemaal best veel tijd."
Kinderen met dezelfde start
Naast de kinderrestaurants heeft Pan de Vida sinds 2014 een kindertehuis in Arequipa. Momenteel wonen daar acht kinderen die via de Peruaanse kinderbescherming bij de organisatie terecht zijn gekomen. Sommige kinderen zijn wees. Van anderen zijn de ouders, vaak de moeder, door bijvoorbeeld verslavingsproblematiek niet in staat voor hen te zorgen.
Voor Carlos raakt juist dit werk direct aan zijn eigen geschiedenis. Door de jaren heen heeft hij bij meer dan tien adopties kunnen helpen. Kinderen die in een situatie verkeerden, die lijkt op die waarin hij zelf ooit zat, vonden een gezin in onder meer Duitsland, Italië en Spanje, maar ook in Peru zelf. "Deze kinderen kunnen een leven opbouwen met ouders die echt van hen houden. Dat vind ik heel mooi."
Tegelijkertijd is het werk zwaar. De samenwerking met de Peruaanse kinderbescherming verloopt volgens Carlos moeizaam en procedures kunnen lang duren. "Juist voor kinderen, die behoefte hebben aan zekerheid, is dat frustrerend. Pan de Vida kiest er mede daarom bewust voor het kindertehuis relatief klein te houden. Zo kan ieder kind voldoende persoonlijke aandacht krijgen en blijft het werk ook voor de medewerkers behapbaar", aldus Carlos.
Het uiteindelijke doel ligt voor Carlos bovendien verder dan het moment waarop een kind achttien wordt. Hij hoopt dat kinderen die nu worden geholpen later zelf een stabiel gezin kunnen vormen en daarmee patronen doorbreken. "We willen dat dat een heel ander gezin zal worden dan het gezin waaruit zij zijn gekomen."
Eerste stappen
Na twintig jaar ziet Carlos veel momenten waarop God duidelijk aan het werk is. Het kindertehuis werd bijvoorbeeld helemaal vanaf de grond opgebouwd en daarvoor was veel geld nodig. “Toch kwam wat nodig was er steeds, het verbaast ons weleens hoe God altijd voorziet."
Ook nu zijn er zorgen. De veiligheidssituatie in Peru is de afgelopen tijd verslechterd. Volgens Carlos zijn er steeds meer bendes die winkeliers en andere burgers afpersen. Met een Nederlandse achternaam valt hij bovendien sneller op. Daarom probeert het gezin zoveel mogelijk onder de radar te blijven. Tegelijkertijd wil Carlos zich niet door angst laten leiden. "Ik ervaar eigenlijk dat we continu onder Gods vleugels zijn."
Pan de Vida wordt inmiddels bewust zo georganiseerd dat het werk ook zonder Carlos en Mariela kan doorgaan, mocht de situatie ooit zo onveilig worden dat zij Peru voor langere tijd moeten verlaten. "We denken er wel over na", zegt hij. "Maar het beheerst ons niet." Ook daarin ervaart hij rust van God. Wie zelf zoekt naar wat God met zijn leven wil, zou Carlos daarom vooral willen meegeven dat niet altijd alles vooraf geregeld hoeft te zijn. Zijn eigen levensweg is daarvan voor hem het beste voorbeeld. "We moeten soms eerst stappen zetten en dan zal God voorzien. Als we wachten tot God eerst voorziet en dán pas de stap zetten, kunnen we soms lang wachten."


































Praatmee