Christelijke onderwijs in Jeruzalem onder druk door besluit Israëlische overheid

Een recent besluit van het Israëlische Ministerie van Onderwijs dreigt de tewerkstelling van meer dan 200 docenten in christelijke scholen in Jeruzalem te beëindigen. Vanaf september moeten scholen onderwijzers in dienst nemen die in de stad wonen en over Israëlische kwalificaties beschikken. Hierdoor komen Joodse leraren met een Israëlische staatsburgerschap in aanmerking. Palestijnse christelijke leraren uit de Westelijke Jordaanoever, die een 'groene kaart' bezitten (een administratief document voor werken of reizen in Israëlisch gecontroleerde gebieden), kunnen geen werkvergunning meer krijgen. Dat schrijft de internationale afdeling van Kerk in Nood.
De maatregel raakt bijna 230 christelijke leerkrachten verdeeld over 15 scholen in Jeruzalem. Dit volgt op een wetsvoorstel dat vorig jaar, op 6 juli, is goedgekeurd door de Onderwijscommissie van de Knesset, het Israëlische parlement. Dit voorstel heeft als doel te voorkomen dat Palestijnse docenten met diploma's behaald op de Westelijke Jordaanoever lesgeven in Israël en Oost-Jeruzalem. Volgens de autoriteiten voldoen hun diploma's niet aan de vereiste academische standaarden.
Een vertegenwoordiger van het Algemeen Secretariaat van Christelijke Scholen (GSCS) in het Heilige Land, die anoniem sprak met de katholieke hulporganisatie Kerk in Nood (ACN), waarschuwt dat de beslissing de toekomst van het christelijk onderwijs in Jeruzalem in gevaar brengt: "Als dit besluit daadwerkelijk wordt doorgevoerd, zullen onze christelijke scholen in een zeer moeilijke situatie terechtkomen, wat hun voortbestaan en christelijke missie zal bedreigen."
Aan het begin van het huidige schooljaar in september ontvingen al 171 docenten uit de Westelijke Jordaanoever niet de benodigde vergunningen om les te geven. Als reactie hierop organiseerde het GSCS een staking van een week in alle christelijke scholen in Jeruzalem totdat de situatie geregulariseerd zou zijn en de vereiste vergunningen zouden worden afgegeven.
De GSCS-vertegenwoordiger benadrukt tegenover ACN: "Er zijn onvoldoende christelijke docenten in Jeruzalem om de taken over te nemen. Op de lange termijn kunnen deze beperkingen het christelijke karakter van onze instellingen blijvend aantasten en het christelijk geloof en de aanwezigheid in de stad verzwakken."
De meeste van deze scholen, opgericht aan het einde van de 19e eeuw, hebben honderdduizenden leerlingen, zowel christenen als moslims, onderwezen. Deze onderwijsinstellingen, opgericht om christelijk onderwijs te bevorderen en het geloof en de christelijke aanwezigheid in Jeruzalem te behouden, hebben een cruciale rol gespeeld op nationaal en interreligieus niveau.






























Praatmee