20-jarige vrouw deelt worsteling met zonde en uitverkiezing via Refoweb

Een 20-jarige vrouw deelt op Refoweb haar indringende geloofsworsteling. Ze beschrijft hoe ze werd geconfronteerd met haar zonden, hoe angst voor de wederkomst haar drijft en hoe ze vastloopt in schuldgevoel, onwil en verwarring. “Wat moet je dan doen?”, vraagt ze. “Hoe moet het ooit nog goedkomen?”
In haar vraag schrijft ze dat ze ontdekte hoe diep haar vijandschap tegen God zit. Ze ervaart trots, hardheid en een gebrek aan echte droefheid over de zonde. Ook twijfelt ze of haar zoeken naar God niet vooral voortkomt uit angst en zelfbehoud. “Waarom lijk ik God niet aan te willen nemen?”, vraagt ze zich af.
Vastgelopen
Kandidaat J. de Wit reageert met een uitvoerig en pastoraal antwoord. Wat hem opvalt, is de lange lijst van eisen waaraan de jonge vrouw meent te moeten voldoen. Ze moet haar zonden diep genoeg zien. Ze moet oprecht berouw hebben. Ze moet God zoeken met de juiste motieven. Ze moet gewillig zijn.
Volgens De Wit raakt ze juist daarin vast. De wet van God laat zien wat moet, maar geeft geen kracht om eraan te voldoen. Hij verwijst naar Romeinen 3 en benadrukt dat niemand uit zichzelf God zoekt of goed doet.
Zijn indringende oproep luidt dan ook: “Geef het op.” Stop met proberen jezelf geschikt te maken voor God. De wet kan niet redden. Ze laat alleen zien hoe zondig een mens is.
Rechtvaardig zonder de wet
De kern van zijn antwoord ligt in het Evangelie. De Wit wijst op Romeinen 3 vers 21: “Maar nu is de rechtvaardigheid Gods geopenbaard geworden zonder de wet.” Hij schrijft: “Jij kunt rechtvaardig zijn voor God zonder aan al die dingen te voldoen.” Niet omdat de eisen verdwijnen, maar omdat Christus eraan heeft voldaan. “Jezus heeft aan de wet van God voldaan. Hij is alles wat jij niet bent. Geloof je dat? Vertrouw je dan aan Hem toe.”
Volgens De Wit vraagt God niet om volmaakte gevoelens of motieven, maar om geloof in Zijn Zoon. De jonge vrouw wordt opgeroepen haar zonden op Christus te leggen, zoals in het Oude Testament de handen werden gelegd op het offerlam.








































Praatmee