NGK krimpt minder hard, maar kampt met ‘geestelijke sprakeloosheid’

De Nederlandse Gereformeerde Kerken (NGK) tellen bijna 129.000 leden, verdeeld over 305 plaatselijke gemeenten. Hoewel het ledental nog altijd daalt, neemt de krimp af. Tegelijk staan gemeenten voor stevige uitdagingen: veel kerken hebben geen eigen predikant, ambtsdragers zijn moeilijk te vinden en het delen van het Evangelie met mensen buiten de kerk krijgt weinig prioriteit. Dat blijkt uit een nieuw trendrapport dat in aanloop naar de synode is opgesteld.
Het rapport brengt bestaande cijfers en onderzoeken samen en bevat daarnaast nieuw onderzoek naar onder meer kerkbezoek en plaatselijke samenwerking. De initiatiefnemers onderscheiden vier grote ontwikkelingen: het leven binnen de kerk, de wisselwerking met de omgeving, knellende kerkelijke structuren en ‘geestelijke sprakeloosheid’.
"Als een synode alleen over losse rapporten vergadert, kan het snel hapsnap worden", zegt Cors Visser van Kerkpunt. "En zonder cijfers en data mis je een goede onderbouwing." Tegelijk waarschuwt hij ervoor om kerkelijke ontwikkelingen uitsluitend aan de hand van statistieken te beoordelen. "De kerk is niet maakbaar, het is Gods kerk. Achter elk cijfer schuilt een geestelijke realiteit."
Meer dan helft volgt kerkdienst
Op een gemiddelde zondag bezoekt ruim de helft van de NGK-leden een kerkdienst of kijkt online mee. In 2025 werden binnen het kerkverband ruim duizend kinderen gedoopt en deden bijna duizend mensen belijdenis. Kleine gemeenten blijken daarbij vaak vitaal te zijn. Zorgelijk noemen de onderzoekers het verschil tussen mensen die vertrekken en nieuwkomers: aanzienlijk meer leden verlaten de NGK zonder zich elders bij een kerk aan te sluiten dan dat mensen van buitenaf toetreden.
De onderzoekers constateren daarnaast dat de seculiere omgeving veel invloed heeft op de kerk. Andersom is die invloed kleiner. Veel gemeenten zijn wel actief in hun eigen buurt, met name door diaconale activiteiten, maar blijven tegelijkertijd sterk intern gericht. Evangelisatie krijgt daardoor relatief weinig aandacht. Ook neemt de diversiteit binnen en tussen gemeenten toe. Daarmee wordt de vraag naar de eigen identiteit belangrijker: waar staat de kerk voor?
109 gemeenten zonder eigen predikant
Een andere ontwikkeling betreft het traditionele organisatiemodel. Veel gemeenten gaan nog uit van een kerk met een eigen gebouw, een voltijds predikant en volledig bezette ambten. Dat model begint steeds meer te knellen, schrijven de organisaties.
Momenteel hebben 109 gemeenten geen eigen predikant. Bovendien gaat meer dan de helft van de voorgangers binnen tien jaar met emeritaat en lukt het gemeenten steeds moeilijker om alle ambtelijke vacatures te vullen. De opstellers spreken daarom van een ‘liminale fase’: het vertrouwde model verdwijnt, terwijl nog niet duidelijk is wat ervoor in de plaats komt.
Verlangen naar geloofsgesprek
Tegelijkertijd signaleren de onderzoekers een groeiend verlangen naar inhoudelijke gesprekken over het geloof. Vertrouwde kerkelijke taal sluit niet altijd meer aan bij de leefwereld van gemeenteleden. Daardoor kan een vorm van ‘geestelijke sprakeloosheid’ ontstaan.
Precies daarin zien de makers van het rapport ook mogelijkheden voor de toekomst. Om gemeenten hierover aan het denken te zetten, worden verschillende perspectieven aangereikt, waaronder ‘de kerk als vereniging’ en ‘de kerk als oase’.
"We hopen dat het bespreken van de trends bijdraagt aan een hoopvolle kerk", zegt Hans Schaeffer van de Theologische Universiteit Utrecht. "Dat we herontdekken wat kerk-zijn altijd al is geweest en wilde zijn: een vind- en oefenplaats voor mensen die van Godswege geroepen zijn tot dienst aan Hem."
Het trendrapport is opgesteld door de Commissie Financiën en Beleid, Kerkpunt, Steunpunt Kerkenwerk, de Theologische Universiteit Utrecht en Verre Naasten. Het document wordt tijdens een van de komende synodezittingen besproken. Klik hier om het volledige rapport te downloaden.








































Praatmee