Een schip vol slapende leerlingen met een wakkere Jezus

Vandaag wil ik met je stilstaan bij wat misschien wel een heel bekend verhaal is uit het leven van Jezus: de storm op het meer. Of was het wel een storm? Daarover zo meteen meer. Laten we eerst lezen. Het verhaal is te vinden in Lucas 8:22-25.
Op een van die dagen stapte Hij in een boot, samen met zijn leerlingen, en zei tegen hen: āLaten we naar de overkant van het meer gaan,ā en ze voeren het meer op. Onderweg viel Hij in slaap. Er kwam een hevige storm opzetten, zodat de boot water maakte en dreigde te zinken. Ze maakten Hem wakker en riepen: āMeester, meester, we vergaan!ā Hij stond op en sprak de wind en de golven bestraffend toe. Daarop ging de wind liggen en kwam het water tot rust. Hij vroeg hun: āWaar is jullie geloof?ā De leerlingen waren geschrokken en zeiden vol verbazing tegen elkaar: āWie is Hij toch, dat zelfs de wind en het water zijn bevelen gehoorzamen?ā - Lucas 8:22-25 (NBV 21).
Dit verhaal ken ik al sinds mijn kindertijd en ik heb er al heel wat preken over gehoord en dus dacht ik dat ik ondertussen wel wist waar het zo ongeveer over ging. Toch veranderde dat toen ik een paar jaar geleden samen met mijn vrouw op het eiland Rhodos vakantie vierde. Je moet weten dat mijn vrouw en ik allebei theologie hebben gestudeerd en daardoor ontsnapt er doorgaans geen enkele oude kerk aan onze aandacht. Overal glippen we gauw even binnen en blijven dan vaak langer hangen dan verwacht (ik geef toe: dat ligt vooral aan mij).
Maar op een dag liepen wij een kleine Grieks-orthodoxe kerk binnen en werden niet teleurgesteld. In de kerk was een prachtige muurschildering aangebracht van het verhaal dat we zojuist hebben gelezen. In felblauwe kleuren lag het meer van Galilea erbij met in het midden het scheepje met een aantal angstige discipelen en daarbij een slapende Jezus. Tot zover niets nieuws, maar wat opviel was de storm om het schip. Of beter gezegd: waar de storm vandaan kwam. Op de oever van het meer stond een donker, sinister figuur en die blies hard over het water, waardoor er een storm ontstond en het schip in de problemen kwam. De schilder wilde duidelijk maken dat de storm niet toevallig kwam opzetten, maar de boze opzet was van kwade machten. De storm op het meer is de storm van de duivel.
Als we een beetje uitzoomen bij ons gedeelte dan ontdekken we dat er veel te zeggen valt voor hoe het schilderij de boel neerzet. Het stuk dat wij hebben gelezen is namelijk niet het hele verhaal. Jezus stapt in het schip om naar de overkant te gaan. Na de storm komt Hij daar daadwerkelijk aan en wat Hij daar aantreft is een man die bezeten is door vele demonen. Nadat Hij de man bevrijd heeft van de kwade machten gaat Hij weer het schip in en keert terug. Dus in een notendop is het verhaal: Jezus vaart naar de overkant, verslaat een legioen demonen en vaart daarna weer terug. En als we het zo neerzetten, dan wordt duidelijk dat wanneer Jezus in ons gedeelte zegt: āLaten we naar de overkant van het meer gaanā, dat niet zomaar een vaartocht is of een willekeurig plan, maar dat Jezus doelbewust op pad gaat en wel om tegen de duivel te vechten. En ja, dan verbaast het niet dat de boze uit alle macht probeert Hem tegen te houden. De duivel haalt alles uit de kast om het schip tot zinken te brengen. De schilder van het schilderij had gelijk: de storm op het meer is de oorlog op het meer.
Jezus is dus op oorlogspad en de duivel gaat frontaal in de aanval. Dan zijn we natuurlijk benieuwd hoe Jezus precies ten strijde trekt. En dan herinneren we ons dat bekende verhaal: Jezus slaapt. Precies, je hoort het goed: Jezus slaapt. Jezus trekt slapend ten strijde.
We hebben gezien dat de storm op het meer eigenlijk de storm van de duivel is. Het stormt omdat boze machten proberen Jezus tegen te houden. Het is oorlog op het meer en Jezus is het middelpunt van de strijd. En laat juist nĆŗ Jezus lekker liggen te slapen. In de hele Bijbel is Jezus nergens aan het slapen ā altijd is Hij wakker, altijd is Hij alert. Er is maar Ć©Ć©n keer dat Hij een dutje doet, en dat is op het moment dat Hij op weg is het op te nemen tegen een hele horde demonen en de boze alles uit de kast haalt om Hem tegen te houden. Punt gemaakt. Het is veelzeggend dat Jezus kan slapen tijdens een gewone storm, maar het is nog zoveel veelzeggender dat Hij kan slapen tijdens een woeste aanval van satan. Dat zet de boze zĆ³ in zijn hemd. De duivel kan briesen en blazen, maar Jezus moet slechts geeuwen en gapen.
Een heel legioen aan demonen is volkomen machteloos. En ze weten het, want als Jezus eenmaal aan land komt dan lopen ze al op Hem af. Niet met teksten als āWe zullen je wel krijgen Jezus!ā of āMaak dat je wegkomt, Jezus!ā maar ze zeggen: āWat heb ik met Jou te maken, Jezus, Zoon van de allerhoogste God? Ik smeek Je, doe me geen pijn!ā Ik smeek Je, doe me geen pijn: het demonische leger weet maar al te goed dat hier de Zoon van de allerhoogste God staat. Ze zijn volkomen in zijn macht. Hier verschijnt de aanvoerder van de hemelse legers en de boze kan niet anders, dan doen wat Hij beveelt. Het kwaad blies even daarvoor letterlijk nog hoog van de toren, maar die hele show legde alleen maar zijn eigen machteloosheid bloot. De duivel deed zijn best een storm op het meer te veroorzaken, maar voor Jezus is het niet meer dan een storm in een glas water.
Wat gaat er een enorme bemoediging uit van deze overmacht van Jezus. Hij kan slapen in de strijd. Hij is Degene aan wie alle macht in hemel en op aarde toebehoort. Een geruststellende gedachte zou je zeggen. En dat is het ergens ook, maar dan moet je wel met de juiste ogen kijken. Een slapende Jezus is pas een prettig beeld als je weet dat Hij zelfs dan compleet de controle heeft. En te midden van de storm vraagt dat om vertrouwen, om geloof. Want die storm is levensecht en die boot gaat levensecht tekeer. Alleen wie gelooft ziet, wat Jezus allang zag, toen Hij achterin de boot op het kussen zijn ogen sloot.
De ironie van het verhaal is dat de leerlingen meenden Jezus wakker te moeten maken, terwijl Jezus juist hĆ©n wakker schudt. Jezus opent ze de ogen voor de ware werkelijkheid van het geloof ā een werkelijkheid waar storm en angst hen blind voor hadden gemaakt. Het verhaal van de storm op het meer gaat niet over een schip vol wakkere discipelen met een slapende rabbi, maar over een schip vol slapende leerlingen en een wakkere Jezus. Op dat moment was er maar Ć©Ć©n Ć©cht alert: Degene die een dutje deed.
Heb je het idee dat Jezus ook in jouw leven in slaap is gevallen? Mag ik je dan eens vragen: kan dat ook een goed teken zijn? Kan dat zijn omdat Hij meer ziet dan jij? Dat Hij allang weet dat Hij in jouw leven gaat overwinnen? Dat de strijd al in zijn voordeel is beslist? Kan het zijn dat Hij Zich rustig houdt.. omdat Hij de afloop van jouw verhaal al kent?
Soms is de stilte van God niet een reden om je zorgen te gaan maken, maar een reden om moed te vatten. God blijft rustig, want Hij is zĆ³ onvoorstelbaar veel machtiger dan alle krachten die het tegen Hem opnemen. Geloof vandaag in deze God. Want zo machtig was God in de wereld, dat Hij zijn eniggeboren Zoon in de storm liet slapen, opdat wie in Hem gelooft zich niet ongerust maakt, maar vredig leven kan.
Praatmee