Tot Jezus bekeerde Jood hielp honderden volksgenoten ontsnappen aan naziterreur

De jonge Arnold Frank komt in Hamburg tot geloof in Jezus. Jarenlang zet hij zich daar in voor zijn Joodse volksgenoten. Wanneer de nazi’s aan de macht komen, blijft hij hen helpen, ook als dat steeds gevaarlijker wordt.
Lees ook

Wat zegt de Bijbel over de laatste zeven jaar vóór Jezus' wederkomst? Beluister deze podcast
Frank werd geboren op 6 maart 1859 in Schuja, Hongarije. Hij groeide op in een vroom Joods gezin, met zeven broers.
Voor het eerst in een kerk
Arnold verlangde al jong naar verre landen. Op zeventienjarige leeftijd verliet hij zijn geboorteland en ging in Hamburg wonen. Daar werkte hij bij de bank van Baruch. In een restaurant raakte hij bevriend met een weduwnaar, die lid was van de Jeruzalemkerk. Die nodigde Arnold uit voor een kerkdienst.
Het was de eerste keer dat Arnold een protestantse kerk binnenstapte. De eenvoud van de dienst deed hem denken aan een synagoge en maakte diepe indruk op hem. Hij ging steeds vaker naar kerkdiensten en Bijbelstudies en begon het Nieuwe Testament grondig te bestuderen.
‘Heden is deze Schrift vervuld’
Op een dag las Arnold Lukas 4:16-21. De Heere Jezus leest daar in de synagoge uit de profeet Jesaja. “De Geest van de Heere is op Mij, omdat Hij Mij gezalfd heeft; Hij heeft Mij gezonden om aan armen het Evangelie te verkondigen (…) om het jaar van het welbehagen van de Heere te verkondigen.”
Daarna zegt Jezus: “Heden is deze Schrift in uw oren in vervulling gegaan.”
Door deze woorden werd het voor Arnold duidelijk: Jezus is de Messias. Hij leerde Hem kennen als zijn Verlosser en liet zich dopen.
De predikant en zijn vrouw geloofden dat Arnold geroepen was om het Evangelie te verkondigen. Op hun advies ging hij theologie studeren in Belfast. Na vijfeneenhalf jaar werd hij predikant.
In 1884 werd Arnold Frank beroepen naar de kerk waar hij voor het eerst een dienst bezocht, de Jeruzalemkerk in Hamburg. Daar zou hij tot 1938 dienen.
Evangelie centraal
Een van zijn opvolgers, dominee Weber, schreef later: “Predikant Frank begon een rijk gezegende bediening, waarbij de verkondiging van het Evangelie aan Joodse mensen centraal stond.”
Frank bezocht Joodse gezinnen in Hamburg. Zijn liefde voor de Heere Jezus ging samen met grote culturele fijngevoeligheid, waardoor hij toegang kreeg tot welgestelde Joodse gezinnen.
Ook richtte hij zich op Joodse emigranten die vanwege vervolgingen vanuit Oost-Europa via Hamburg naar Amerika reisden. Hij organiseerde gaarkeukens en gaf hun evangelisatielectuur mee in verschillende talen, waaronder Hebreeuws en Jiddisch. Tijdens de lange zeereis naar Amerika lazen sommigen deze boekjes en kwamen zij tot geloof.
Het zendingshuis kreeg een belangrijke plaats in zijn werk. Boven de ingang stond: “Wij hebben Hem gevonden van Wie Mozes in de wet en ook de profeten geschreven hebben” (Joh. 1:46). Joodse jongemannen kwamen er binnen, vonden werk in de werkplaatsen en kregen dagelijks onderwijs uit het Oude en Nieuwe Testament.
Frank had een afkeer van een ‘overhaaste’ bekering. Hij wilde dat mensen werkelijk begrepen wie Jezus is. De uitleg van Jesaja 53 en het lijden van Christus raakten jonge Joodse mannen diep. Ongeveer vijftig van hen werden later predikant of evangelist.
Een tijdschrift dat levens veranderde
Vanaf 1899 gaf Frank het tijdschrift Zion’s Freund uit. Het was gemakkelijk te lezen, maar had tegelijk een duidelijke Bijbelse inhoud. In ieder nummer stond ook altijd een getuigenis van een Messiasbelijdende Jood, zo mogelijk met een foto.
Een vrouw in Berlijn legde Zion’s Freund altijd op tafel voor haar jonge Joodse huurder, een scheikundige. Hij gooide het blad meestal weg. Tot hij op een dag een foto zag van iemand die hij meende te herkennen. Hij las het levensverhaal dat erbij stond en werd diep geraakt. Uiteindelijk nam hij contact op met Arnold Frank, die hem verder onderwees in het geloof.
Zichtbaar Evangelie
Frank merkte dat het vooral moeilijk was om met Joodse vrouwen contact te krijgen. Daarom wilde hij de verkondiging van het Evangelie verbinden met praktische zorg.
In Zion’s Freund verscheen in 1905 een oproep om een tehuis voor protestantse verpleegsters op te richten. Zij zouden juist in Joodse gezinnen zorg kunnen verlenen.
Zuster Elisabeth Weidemann herinnerde zich Frank als een vaderlijke man. Hij waarschuwde, corrigeerde en bemoedigde de zusters.
In 1920 zei hij tegen haar: “Heb je ook gemerkt dat zusters geen engelen zijn, ook al worden ze door patiënten soms zo genoemd? Een sluier en een uniform maken iemand niet tot een engel. (…) Maar door je leven kun je aan collega’s en patiënten getuigen van de liefde van God in je Heiland Jezus Christus.”
Als alles anders wordt
In 1933 veranderde alles. Hitler kwam aan de macht en Joden werden steeds harder vervolgd. Het werk van Frank werd verdacht gemaakt, terwijl het juist harder nodig was dan ooit. Hij organiseerde regelmatig Joods-christelijke avonden. Zo’n 250 Joodse gelovigen kwamen er samen. Mensen die zich plotseling zowel geestelijk als maatschappelijk ontheemd voelden, vonden er warmte, troost en Gods Woord.
Frank hielp bij persoonlijke nood en zette zich in om mensen Duitsland uit te krijgen.
In 1936 werd Zion’s Freund verboden. In zijn afscheidsartikel schreef Frank:
“Het is mijn plicht hen te dienen zolang mijn krachten dat toelaten, enkele van hun tranen te drogen en hen te wijzen op Jezus, de Trooster en Helper.”
Uiteindelijk werd ook het zendingshuis gesloten. Frank was inmiddels op leeftijd, maar gaf niet op. Tot 1938 bleef hij onvermoeibaar Joodse mensen helpen.
In 1938 werd Frank gearresteerd. Hoewel hij Brits staatsburger was, werd hij naar een concentratiekamp gestuurd. Na negen dagen kwam hij vrij door tussenkomst van de Britse regering.
Zijn positie bleef echter gevaarlijk. Een vriend binnen de politie waarschuwde hem dat hij opnieuw zou worden gearresteerd. Frank vluchtte naar Ierland. Een jaar later werden ook de kerk en de gemeente gesloten.
Hamburg na de oorlog
Na de oorlog keerden overlevenden terug uit onderduikplaatsen en concentratiekampen. Gewond, onzeker en zonder middelen van bestaan hoopten zij dat ‘de Jeruzalem’, zoals het werk bekendstond, in Hamburg opnieuw een plaats zou zijn waar zij begrip en hulp vonden. Christenen uit verschillende landen kwamen hen te hulp. Ze stuurden geld om de vervolgde en getraumatiseerde Joodse mensen te helpen.
Arnold Frank bezocht zijn levenswerk in Hamburg nog drie keer. In 1953 maakte hij de heropening mee van de Jeruzalemkerk, die tijdens de oorlog zwaar beschadigd was geraakt. Op 6 maart 1965 vierde Arnold Frank zijn 106e verjaardag. Een dag later werd hij ziek. Op 20 maart nam zijn Heiland hem op in heerlijkheid.
Het levensverhaal van Arnold Frank begon bij een jonge Jood uit Hongarije die in Hamburg de Heere Jezus als zijn Messias leerde kennen. Het eindigde bij een man die zijn leven lang Joodse mensen bleef wijzen op Jezus Christus en hen hielp, ook toen dat gevaarlijk werd.















































Praatmee