Steeds meer vrouwen verkiesbaar voor SGP bij gemeenteraadsverkiezingen

Bij de komende gemeenteraadsverkiezingen op 18 maart staan in zeker negen gemeenten voor het eerst vrouwen op de kandidatenlijst van de SGP. In totaal zijn in achttien gemeenten één of meer vrouwelijke kandidaten verkiesbaar namens de partij. Daarmee stijgt het aantal plaatsen waar de SGP ooit vrouwen kandideerde tot 23. Dat blijkt uit een inventarisatie van het Reformatorisch Dagblad.
In totaal gaat het om 46 vrouwelijke kandidaten. Dat is een ruime verdubbeling ten opzichte van de vorige gemeenteraadsverkiezingen in 2022, toen twintig vrouwen op de SGP-lijsten stonden. In 2018 waren dat er elf en in 2014 slechts vier. Daarmee zet een geleidelijke ontwikkeling zich voort, waarbij lokale afdelingen steeds vaker ruimte geven aan vrouwelijke kandidaten.
Nieuwe gemeenten, nieuwe stappen
Voor het eerst zijn vrouwen verkiesbaar voor de SGP in onder meer Deventer, Enkhuizen, Hardenberg, Kapelle, Lisse, Rotterdam, Soest, Stadskanaal en Zuidplas. In Stadskanaal en Deventer doet de partij zelfs voor het eerst überhaupt mee aan de gemeenteraadsverkiezingen. In andere gemeenten, zoals Vlissingen, Dordrecht en Noordoostpolder, stonden ook bij eerdere verkiezingen al vrouwen op de lijst.
In meerdere gevallen gaat het om gecombineerde lijsten met de ChristenUnie. Dat is het geval in Dordrecht, Leiderdorp, Nissewaard, Noordoostpolder, Westland en Zoetermeer. In Soest is sprake van een gezamenlijke lijst met BurgerBelangen Soest, een seculiere partij. Voor zover bekend is dat voor het eerst dat de SGP lokaal samenwerkt met een niet-christelijke partij.
De toename is mede mogelijk geworden door een statutenwijziging uit 2013. Sindsdien is het formeel toegestaan dat vrouwen binnen de SGP kandidaat worden gesteld voor alle politieke functies. Tegelijk blijft het beginselprogramma van de partij terughoudend. De SGP stelt op haar website dat mannen en vrouwen 'een eigen eerste roeping' hebben, maar benadrukt ook dat vrouwen niet enkel op grond van hun geslacht mogen worden uitgesloten van een functie.
Lokale afwegingen en spanning met landelijk standpunt
Dat lokale afdelingen vrouwen kandideren, gebeurt niet zonder spanning. Deze ontwikkeling druist in tegen het landelijke standpunt van de partij, dat op de partijdag van vorig jaar opnieuw werd bevestigd. Een ruime meerderheid van de leden sprak zich toen uit tegen bestuurlijke functies voor vrouwen, vanuit de overtuiging dat dit niet past bij hun roeping.
Toch groeit lokaal de ruimte voor een andere afweging. "Er komt echt beweging in”, zegt Henk Koster, bestuurder van de SGP-afdeling in Kapelle, tegenover het Nederlands Dagblad. In zijn gemeente staat dit jaar een vrouw op een verkiesbare derde plaats. Volgens Koster is daar bewust voor gekozen na een open gesprek met de leden. "Op een enkele uitzondering na waren de reacties positief.”
Niet overal lukte het overigens om vrouwelijke kandidaten te vinden. In gemeenten als Leusden en Doetinchem gaven besturen aan dat zij wel openstonden voor vrouwen op de lijst, maar dat er geen geschikte kandidaten beschikbaar waren.
Beperkt aantal vrouwen daadwerkelijk verkozen
Hoewel het aantal vrouwelijke kandidaten toeneemt, blijft het aantal vrouwen dat daadwerkelijk in de raad belandt naar verwachting beperkt. In Dordrecht, Vlissingen en Noordoostpolder worden de huidige vrouwelijke raadsleden vermoedelijk herkozen. In Kapelle maakt Jeannet Kamerik kans op een zetel, omdat zij op plek drie van de lijst staat.
Tegelijk kunnen voorkeursstemmen de lijstvolgorde doorbreken. Dat gebeurde eerder al in Houten, waar Anne Prins dankzij voorkeursstemmen verkozen werd. Zij nam toen uiteindelijk geen zitting, maar staat dit jaar opnieuw op de lijst.
Politieke en juridische context
De discussie over vrouwen binnen de SGP speelt niet alleen binnen de partij, maar ook in Den Haag. Eind december liet minister Rijkaart van Binnenlandse Zaken weten dat het demissionaire kabinet geen besluit neemt over mogelijke wettelijke maatregelen rond vrouwen op SGP-kieslijsten. Dat vraagstuk wordt overgelaten aan een volgend kabinet.
De minister benadrukte dat bij eventuele maatregelen rekening moet worden gehouden met grondrechten zoals vrijheid van godsdienst en vereniging. Daarmee blijft de ruimte voor lokale afwegingen voorlopig intact.





































Praatmee