Europees Hof buigt zich over zaak rond christelijke symbolen in Griekenland

Het Europees Hof voor de Rechten van de Mens onderzoekt een zaak die is aangespannen door Griekse atheïsten tegen hun eigen overheid. De klacht gaat volgens Christian Today over de aanwezigheid van christelijke symbolen en religieuze kunst in een rechtszaal.
De zaak begon in Griekenland, waar twee atheïsten vroegen om christelijke symbolen te verwijderen tijdens rechtszittingen die draaiden om religieuze kwesties. Zij stelden dat deze symbolen discriminerend zijn en de onpartijdigheid van de rechtbank aantasten. Volgens hen werd daarmee hun recht op een eerlijk proces en hun vrijheid van denken, geweten en godsdienst geschonden.
De Griekse rechtbank wees dit verzoek af. Daarop besloten de klagers naar het Europees Hof te stappen. De uitspraak van het hof kan grote gevolgen hebben. In totaal vallen 46 landen onder de Raad van Europa. Een oordeel in deze zaak kan invloed hebben op hoe deze landen omgaan met religieuze symbolen in openbare gebouwen.
De juridische organisatie ADF International heeft zich in de zaak gemengd. Volgens ADF zijn religieuze symbolen vaak ook onderdeel van het nationale en culturele erfgoed. Hun aanwezigheid vormt volgens de organisatie geen bedreiging voor mensenrechten.
Jurist Adina Portaru van ADF International zegt dat het tonen van religieuze symbolen in openbare ruimtes niet in strijd is met mensenrechten. Zij stelt dat pluralisme niet betekent dat kruisen, iconen of andere religieuze uitingen moeten verdwijnen uit het publieke domein. Volgens haar heeft het hof vaker geoordeeld dat zulke symbolen geen inbreuk maken op godsdienstvrijheid of het recht op een eerlijk proces.
In een juridisch betoog waarschuwt ADF dat het verwijderen van religieuze symbolen onder het mom van staatsneutraliteit juist kan neerkomen op vijandigheid tegenover het christelijk geloof. Daarbij zou geen recht worden gedaan aan het christelijke erfgoed dat veel Europese landen heeft gevormd.
ADF wijst op een eerdere zaak in Italië. Toen werd geklaagd over kruisen in schoollokalen. Het Europees Hof oordeelde destijds dat een kruis geen indoctrinatie is en de vrijheid van denken en geloven van leerlingen niet aantast.
Portaru verwacht dat het hof in de Griekse zaak tot een vergelijkbare conclusie zal komen. Volgens haar beschermt het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens de vrijheid van godsdienst juist sterk. Oude orthodox-christelijke iconen en andere religieuze kunst dwingen niemand tot geloof en sturen ook geen rechterlijke beslissingen.



































Praatmee